wetzoeker

Artikel 8 Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Tunesië inzake het vervoer over de weg van personen en goederen en transitovervoer

VERVOER VAN GOEDEREN

1 De bevoegde autoriteiten van beide Verdragsluitende Partijen wisselen jaarlijks een overeengekomen aantal blanco vergunningsformulieren uit.

Aan ingezeten vervoersondernemers worden de vergunningen afgegeven door de bevoegde autoriteit of een door die autoriteit aangewezen instantie.

2 Vergunningen zijn persoonlijk en zijn niet overdraagbaar aan derden.

3 Vergunningen mogen slechts voor één voertuig tegelijk worden gebruikt.

4 De in artikel 13 van dit Verdrag bedoelde Gemengde Commissie stelt het aantal, de categorieën en de aanvullende voorwaarden voor het gebruik van de vergunningen vast.

5 Het verrichten van cabotagediensten is niet toegestaan, tenzij door de bevoegde autoriteit in het gastheerland daarvoor bijzondere toestemming wordt verleend.

De in artikel 13 van dit Verdrag bedoelde Gemengde Commissie stelt de nationale wettelijke en administratieve bepalingen vast die in het gastheerland van toepassing zijn op cabotage. Deze bepalingen worden zonder onderscheid toegepast.

Regeling
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Tunesië inzake het vervoer over de weg van personen en goederen en transitovervoer
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
15-03-2007
BWB-id
BWBV0001950
Versie
2007-03-15_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl