wetzoeker

Bijlage I — Gevaarlijke stoffen ten behoeve van de vaststelling van gevaarlijke activiteiten Verdrag inzake de grensoverschrijdende gevolgen van industriële ongevallen

Gevaarlijke stoffen ten behoeve van de vaststelling van gevaarlijke activiteiten

De hieronder aangegeven hoeveelheden hebben betrekking op elke activiteit of groep activiteiten. Wanneer in Deel I twee uiterste waarden zijn vermeld, is telkens de grootste hoeveelheid de drempelwaarde. Vijf jaar na de inwerkingtreding van dit Verdrag wordt telkens de kleinste vermelde hoeveelheid de drempelwaarde, behoudens wijzigingen.

Wanneer een in Deel II vermelde stof of preparaat ook tot een in Deel I vermelde categorie behoort, dient de in Deel II vermelde drempelwaarde te worden gehanteerd.

Bij de inventarisatie van gevaarlijke activiteiten dienen de Partijen rekening te houden met de te verwachten mogelijkheid van toeneming van de risico's, alsmede met de hoeveelheden gevaarlijke stoffen en hun directe omgeving, ongeacht of zulks valt onder de verantwoordelijkheid van één of meer exploitanten.

Deel I. Categorieën stoffen en preparaten die niet met name zij genoemd in Deel II

Categorie | Drempelwaarde (in tonnen)

1. | Brandbare gassen 1a) inclusief LPG | 200

2. | Zeer brandbare vloeistoffen 1b) | 50 000

3. | Zeer toxische stoffen 1c) | 20

4. | Toxische stoffen 1d) | 500-200

5. | Verbranding bevorderende stoffen 1e) | 500-200

6. | Ontplofbare stoffen 1f) | 200- 50

7. | Brandbare vloeistoffen 1g) (behandeld onder bijzondere omstandigheden qua druk en temperatuur) | 200

8. | Stoffen die gevaarlijk zijn voor het milieu 1h) | 200

Deel II. Met name genoemde stoffen

Stof | Drempelwaarde (in tonnen)

1 | Ammoniak | 500

2 | a.Ammoniumnitraat 2) b. Ammoniumnitraat in de vorm van meststoffen 3) | 2 500 10 000

3 | Acrylnitril | 200

4 | Chloor | 25

5 | Ethyleenoxide | 50

6 | Cyaanwaterstof | 20

7 | Fluorwaterstof | 50

8 | Zwavelwaterstof | 50

9 | Zwaveldioxide | 250

10 | Zwaveltrioxide | 75

11 | Loodalkylen | 50

12 | Fosgeen | 0,75

13 | Methylisocyanaat | 0,15

Noten

1. Indicatieve criteria. Bij gebrek aan andere toepasselijke criteria kunnen de Partijen de onderstaande criteria toepassen bij de classificatie van stoffen of preparaten ten behoeve van Deel I van deze Bijlage.

a. Brandbare gassen: stoffen in gasvormige toestand die onder normale druk en gemengd met lucht brandbaar worden en waarvan het kookpunt onder normale druk 2O°C of lager is;

b. Zeer brandbare vloeistoffen: stoffen die een vlampunt onder de 21 °C en een kookpunt boven de 2O°C hebben onder normale druk;

c. Zeer toxische stoffen: stoffen met eigenschappen die overeengekomen met de in tabel 1 of tabel 2 hieronder genoemde, en die, gezien hun fysische en chemische kenmerken, gevaar van een industrieel ongeval kunnen doen ontstaan.

Tabel 1

LD50 (oraal)

1) LD50 oraal bij ratten | LD50 (dermaal)

2) LD50dermaal bij ratten of konijnen | LC50

3) LD50 inhalatoir (4 uur) bij ratten

mg/kg lichaamsgewicht | mg/kg lichaamsgewicht | mg/1 (inhalatoir)

LD50 ≤ 25 | LD50≤ 50 | LC50 ≤0,5

1) LD50 oraal bij ratten

2) LD50 dermaal bij ratten of konijnen

3) LC50 inhalatoir (4 uur) bij ratten

Tabel 2

Kritische dosis (classificatiecriterium)

mg/kg lichaamsgewicht | <5

waarbij de acute orale toxiciteit van de stof bij dieren is bepaald met behulp van de vaste-dosis-methode.

d. Toxische stoffen: stoffen met eigenschappen die overeenkomen met de in tabel 3 of 4 genoemde en die fysische of chemische kenmerken hebben die gevaar van industriële ongevallen kunnen doen ontstaan.

Tabel 3

LD50(oraal)

1) LD50oraal bij ratten | LD50 (dermaal)

2) LD50dermaal bij ratten of konijnen | LC50

3) LD50inhalatoir (4 uur) bij ratten

mg/kg lichaamsgewicht | mg/kg lichaamsgewicht | mg/l (inhalatoir)

25 < LD50 < 200 | 50 < LD50 < 400 | 0,5 < LC50 < 2

1) LD50 oraal bij ratten

2) LD50 dermaal bij ratten of konijnen

3) LC50 inhalatoir (4 uur) bij ratten

Tabel 4

Kritische dosis (classificatiecriterium)

mg/kg lichaamsgewicht | = 5

waarbij de acute orale toxiciteit van de stof bij dieren is bepaald met behulp van de vaste-dosis-methode.

e. Verbranding bevorderende stoffen: stoffen die aanleiding geven tot hevige exothermische reacties wanneer zij in contact komen met andere stoffen, met name brandbare stoffen.

f. Ontplofbare stoffen: stoffen die kunnen ontploffen onder invloed van een vlam of die gevoeliger zijn voor schokken of wrijving dan dinitrobenzeen

g. Brandbare vloeistoffen: stoffen die een vlampunt onder de 55°C hebben en vloeibaar blijven onder druk, waarbij bijzondere bewerkingsomstandigheden, zoals hoge druk of hoge temperatuur, gevaar van industriële ongevallen kunnen doen ontstaan.

h. Stoffen die gevaarlijk zijn voor het milieu: stoffen die waarden van acute toxiciteit voor het aquatische milieu vertonen die overeenkomen met de in tabel 5 genoemde.

Tabel 5

LD50

1) LC50bij vissen (96 uur) | EC50

2) EC50 bij watervlooien (48 uur) | IC50

3) IC50 bij algen (72 uur)

mg/l | mg/l | mg/l

LD50 ≤ 10 | EC50 ≤ 10 | IC50 ≤ 10

1) LC50 bij vissen (96 uur)

2) EC50 bij watervlooien (48 uur)

3) IC50 bij algen (72 uur)

waarbij de stof niet gemakkelijk afbreekbaar is, of log Pow > 3,0 (tenzij de experimenteel bepaalde BCF < 100).

i. LD = letale dosis

j. LC = letale concentratie

k. EC = effectieve concentratie

l. IC = remmende concentratie

m. Pow = verdelingscoëfficiënt octanol /water

n. BCF = bioconcentratiefactor

2. Dit geldt voor ammoniumnitraat en mengsels van ammoniumnitraat, waarbij het stikstofgehalte dat afkomstig is van het ammoniumnitraat groter is dan 28 gewichtspercenten, en voor waterige oplossingen van ammoniumnitraat, waarbij de concentratie ammoniumnitraat groter is dan 90 gewichtspercenten.

3. Dit geldt voor meststoffen met enkel ammoniumnitraat en ammoniumnitraathoudende mengsels, waarbij het stikstofgehalte dat afkomstig is van het ammoniumnitraat groter is dan 28 gewichtspercenten (meststoffen met ammoniumnitraathoudende mengsels bevatten ook fosfaat en/of kaliumcarbonaat).

4. Mengsels en preparaten die deze stoffen bevatten, moeten worden behandeld als de stof zelf, tenzij zij niet langer soortgelijke eigenschappen vertonen en geen grensoverschrijdende gevolgen meer kunnen hebben.

Regeling
Verdrag inzake de grensoverschrijdende gevolgen van industriële ongevallen
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
04-02-2007
BWB-id
BWBV0001834
Versie
2007-02-04_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl