wetzoeker

Artikel 11 Verdrag van de Verenigde Naties tegen corruptie

PREVENTIEVE MAATREGELEN

1 Indachtig de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht en de cruciale rol die hij speelt bij de bestrijding van corruptie, neemt elke Staat die partij is, in overeenstemming met de grondbeginselen van zijn rechtsstelsel en onverminderd de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht, maatregelen om de integriteit ervan te versterken en mogelijkheden voor corruptie binnen de rechterlijke macht te voorkomen. Dergelijke maatregelen kunnen gedragsregels omvatten voor leden van de rechterlijke macht.

2 Maatregelen van dezelfde strekking als die vervat in het eerste lid van dit artikel kunnen worden ingesteld en toegepast ten aanzien van het openbaar ministerie in die Staten die partij zijn waar deze instantie geen onderdeel vormt van de rechterlijke macht maar wel een onafhankelijke positie inneemt die vergelijkbaar is met die van de rechterlijke macht.

Regeling
Verdrag van de Verenigde Naties tegen corruptie
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
30-11-2006
BWB-id
BWBV0001830
Versie
2006-11-30_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl