wetzoeker

Artikel 38 Internationaal Verdrag tegen doping in de sport

SLOTBEPALINGEN

1 Elke Staat kan bij de nederlegging van zijn akte van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding het grondgebied of de grondgebieden aanduiden voor de internationale betrekkingen waarvan hij verantwoordelijk is en waarop dit Verdrag van toepassing is.

2 Elke Staat die Partij is, kan op een later tijdstip door middel van een verklaring gericht aan UNESCO, de toepassing van dit Verdrag uitbreiden tot elk ander grondgebied dat in de verklaring wordt genoemd. Ten aanzien van een dergelijk grondgebied treedt het Verdrag in werking op de eerste dag van de maand die volgt op het verstrijken van een tijdvak van een maand na de datum van ontvangst van die verklaring door de Depositaris.

3 Elke verklaring die wordt gedaan uit hoofde van de twee voorgaande leden kan, met betrekking tot elk grondgebied dat in de verklaring wordt genoemd, worden ingetrokken door middel van een aan UNESCO gerichte kennisgeving. De intrekking wordt van kracht op de eerste dag van de maand die volgt op het verstrijken van een tijdvak van een maand na de datum van ontvangst van een dergelijke kennisgeving door de Depositaris.

Regeling
Internationaal Verdrag tegen doping in de sport
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-01-2026
BWB-id
BWBV0001829
Versie
2026-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl