wetzoeker

Artikel 2 Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Bosnië-Herzegovina inzake internationaal vervoer over de weg

Voor de toepassing van dit Verdrag wordt verstaan onder:

1. „vervoerder", een persoon (met inbegrip van een rechtspersoon) die op het grondgebied van een van de Verdragsluitende Partijen gevestigd is en die overeenkomstig de desbetreffende nationale wetten en voorschriften in het land van vestiging wettig toegelaten is tot de markt voor het vervoer van goederen of personen over de weg tegen betaling of beloning of voor eigen rekening;

2. „voertuig", een motorvoertuig of een combinatie van voertuigen waarvan ten minste het motorvoertuig geregistreerd is op het grondgebied van een van de Verdragsluitende Partijen en dat uitsluitend gebruikt wordt en uitgerust is voor het vervoer van goederen of personen per bus;

3. „cabotage", het exploiteren van vervoersdiensten binnen het grondgebied van een Verdragsluitende Partij door een op het grondgebied van de andere Verdragsluitende Partij gevestigde vervoerder;

4. „vervoer", het rijden met beladen of onbeladen voertuigen over de weg, ook indien het voertuig, de aanhangwagen of de oplegger voor een deel van de rit gebruik maakt van spoor- of waterwegen.

Regeling
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Bosnië-Herzegovina inzake internationaal vervoer over de weg
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-05-2005
BWB-id
BWBV0001718
Versie
2005-05-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl