wetzoeker

Artikel IX Verdrag inzake sociale zekerheid tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van Canada

UITKERINGEN KRACHTENS DE CANADESE WETGEVING

1

a. Indien een persoon geen recht heeft op een uitkering op basis van de krachtens de Canadese wetgeving vervulde verzekeringstijdvakken, wordt het recht op deze uitkering voor deze persoon vastgesteld door samentelling van die tijdvakken en die welke worden genoemd onder b, mits deze tijdvakken niet samenvallen.

b. Voor de toepassing van dit lid zal

i. voor de vaststelling van het recht op een uitkering krachtens de Wet op de Ouderdomsverzekering een verzekeringstijdvak krachtens de Nederlandse wetgeving inzake ouderdomsverzekering worden beschouwd als een tijdvak van wonen op het grondgebied van Canada;

ii. voor de vaststelling van het recht op een uitkering krachtens het Canada Pensioen Plan een kalenderjaar met tenminste 13 weken verzekeringstijdvakken krachtens de Nederlandse wetgeving inzake invaliditeitsverzekering of nabestaanden-verzekering worden beschouwd als een jaar van verzekering krachtens het Canada Pensioen Plan.

2 Indien een persoon geen recht heeft op een uitkering krachtens de Canadese wetgeving op basis van de krachtens de wetgevingen van beide Partijen vervulde verzekeringstijdvakken samengeteld, zoals geregeld in het eerste lid, wordt het recht op deze uitkering van deze persoon vastgesteld door samentelling van die tijdvakken en de verzekeringstijdvakken, vervuld krachtens de wetten van een derde Staat waarmee beide Partijen zijn verbonden door internationale sociaal zekerheidsinstrumenten waarin de samentelling van tijdvakken is geregeld.

Regeling
Verdrag inzake sociale zekerheid tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van Canada
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-04-2004
BWB-id
BWBV0001612
Versie
2004-04-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl