wetzoeker

Artikel 30 Verdrag betreffende de Europese Unie

GEMEENSCHAPPELIJKE BEPALINGEN

1 Iedere lidstaat, de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid, of de hoge vertegenwoordiger met steun van de Commissie, kan ieder vraagstuk in verband met het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid aan de Raad voorleggen en bij de Raad initiatieven voorleggen respectievelijk voorstellen indienen.

2 In gevallen waarin snelle besluitvorming is vereist, roept de hoge vertegenwoordiger, hetzij eigener beweging, hetzij op verzoek van een lidstaat binnen achtenveertig uur of, in geval van absolute noodzaak, op kortere termijn een buitengewone zitting van de Raad bijeen.

Regeling
Verdrag betreffende de Europese Unie
Afkortingen
VEU, Verdrag van Maastricht, VvL
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-07-2013
BWB-id
BWBV0001507
Versie
2013-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl