Artikel 12 Statuut en het Verdrag van de Internationale Unie voor Telecommunicatie
RADIOCOMMUNICATIESECTOR
161 1. De directeur van het Radiocommunicatiebureau organiseert en coördineert de werkzaamheden van de Radiocommunicatiesector. De taken van het bureau worden aangevuld met die welke in de bepalingen van het Radioreglement worden vermeld.
162 2. De taken van de directeur omvatten, in het bijzonder,
163 1) met betrekking tot radiocommunicatieconferenties:
164 PP-98 a. het coördineren van de voorbereidende werkzaamheden van de studiegroepen en overige groepen en van het bureau, het aan de Lidstaten en Sectorleden mededelen van de resultaten van deze voorbereidende werkzaamheden, het verzamelen van hun commentaar en het aan de conferentie voorleggen van een geconsolideerd rapport, eventueel voorzien van voorstellen van regelgevende aard;
165 b. het van rechtswege, doch in de hoedanigheid van adviseur, deelnemen aan de beraadslagingen van radiocommunicatieconferenties, van de radiocommunicatie-assemblee en van de radiocommunicatiestudiegroepen en andere groepen. De directeur treft alle noodzakelijke voorbereidingen voor de radiocommunicatieconferenties en vergaderingen van de Radiocommunicatiesector in overleg met het Algemeen Secretariaat, in overeenstemming met nummer 94 van dit Verdrag en, indien relevant, met de overige Sectoren van de Unie, en met een behoorlijke inachtneming van de richtlijnen van de Raad bij de uitvoering van deze voorbereidingen;
166 c) het verlenen van bijstand aan ontwikkelingslanden bij hun voorbereiding van radiocommunicatieconferenties.
167 met betrekking tot de Radioreguleringsraad:
168 a) het opstellen van een ontwerp-reglement van orde en dit ter goedkeuring voorleggen aan de Radioreguleringsraad; dit bevat onder meer berekeningsmethoden en gegevens benodigd voor de toepassing van de bepalingen van het Radioreglement;
169 b. het onder alle Lidstaten verspreiden van het reglement van orde van de Raad, het verzamelen van het daarop van de administraties ontvangen commentaar en het indienen hiervan bij de Raad;
170 c. het verwerken van de in toepassing van de desbetreffende bepalingen van het Radioreglement en regionale overeenkomsten van administraties, en de bijbehorende reglementen van orde, ontvangen informatie, en deze opstellen in een voor publicatie geschikte vorm;
171 d) het toepassen van het door de Raad goedgekeurde reglement van orde, het opstellen en publiceren van conclusies op basis van dit reglement, en het aan de Raad voorleggen van door een Administratie verzochte beoordelingen van conclusies, die niet kunnen plaatsvinden door toepassing van het reglement van orde;
172 e) het, in overeenstemming met de desbetreffende bepalingen van het Radioreglement, systematisch inschrijven en registreren van frequentietoewijzingen en, indien van toepassing, van de bijbehorende karakteristieken van de omloop- baan, en het bijhouden van het Master International Frequency Register; het beoordelen van inschrijvingen in dit Register met het oog op de eventuele wijziging of verwijdering van inschrijvingen die niet overeenkomen met het feitelijk frequentiegebruik, in overeenstemming met de betrokken administratie;
173 f) het, op verzoek van een of meerdere belanghebbende administraties, helpen bij het oplossen van gevallen van schadelijke interferentie en, wanneer nodig, het verrichten van onderzoek en het, ter bestudering door de Raad, opstellen van een rapport met ontwerpaanbevelingen ter attentie van de betrokken administraties;
174 g) het optreden als uitvoerend secretaris van de Raad;
175 3) het coördineren van de werkzaamheden van de radiocommunicatiestudiegroepen en andere groepen en het dragen van de verantwoordelijkheid voor de organisatie van deze werkzaamheden;
175A PP-98 3bis) het verschaffen van de nodige ondersteuning aan de radiocommunicatie-adviesgroep, en het jaarlijks aan de Lidstaten, de Sectorleden en de Raad uitbrengen van verslag over de resultaten van de werkzaamheden van de adviesgroep.
175B PP-98 3ter) het treffen van praktische maatregelen ter vergemakkelijking van de deelname aan radiocommunicatiestudiegroepen en andere groepen door ontwikkelingslanden.
176 4) Bovendien draagt de directeur zorg voor:
177 PP-98 a) het verrichten van studies voor het uitbrengen van advies met het oog op de exploitatie van een maximaal haalbaar aantal radiokanalen in die gedeelten van het frequentiespectrum waarin schadelijke interferentie kan ontstaan, en met het oog op een billijk, doeltreffend en doelmatig gebruik van geostationaire en andere satellietomloopbanen, met in achtneming van de behoeften van de Lidstaten die hulp nodig hebben, de bijzondere behoeften van ontwikkelingslanden, alsmede de bijzondere geografische situatie van bepaalde landen;
178 PP-98 b) het uitwisselen met Lidstaten en Sectorleden van in automatische of andere vorm leesbare gegevens, het opstellen en actualiseren van documenten en gegevensbestanden van de Radiocommunicatiesector en het zorgdragen, samen met de Secretaris-Generaal, voor de eventuele publicatie hiervan in de talen van de Unie in overeenstemming met nummer 172 van het Statuut;
179 c) het bijhouden van de nodige stukken;
180 d. het aan de mondiale radiocommunicatieconferentie voorleggen van een rapport inzake de activiteiten van de Radiocommunicatiesector sinds de laatste conferentie; indien geen mondiale radiocommunicatieconferentie is voorzien, wordt een rapport van de activiteiten van de Sector over de periode sinds de laatste conferentie voorgelegd aan de Raad en, ter kennisneming, aan de Lidstaten en Sectorleden;
181 e) het opstellen van een ontwerpbegroting op basis van de kosten die gemoeid zijn met de behoeften van de Radiocommunicatiesector en deze doorzenden aan de Secretaris-Generaal ter bestudering door het Coördinatiecomité en ter opneming in de begroting van de Unie;
181A PP-98 f. het jaarlijks opstellen van een operationeel vierjarenplan voor het volgende jaar en het daarop volgende tijdvak van drie jaren, inclusief de financiële gevolgen van de activiteiten die door het Bureau ter ondersteuning van de Sector als geheel worden ondernomen; dit operationele vierjarenplan wordt door de radiocommunicatie-adviesgroep in overeenstemming met artikel 11A van dit Verdrag beoordeeld, en wordt jaarlijks door de Raad beoordeeld en goedgekeurd;
182 3. De directeur kiest het technisch en administratief personeel van het Bureau binnen het kader van de door de Raad goedgekeurde begroting. De benoeming van het technisch en administratief personeel wordt door de Secretaris-Generaal, in overleg met de directeur, verricht. De uiteindelijke beslissing omtrent aanstelling of ontslag berust bij de Secretaris-Generaal.
183 4. De directeur verschaft de Telecommunicatie-ontwikkelingssector, binnen het kader van het Statuut en dit Verdrag, de nodige technische ondersteuning.
- Regeling
- Statuut en het Verdrag van de Internationale Unie voor Telecommunicatie
- Soort
- Verdrag
- Geldend vanaf
- 19-07-2013
- BWB-id
- BWBV0001504
- Versie
- 2013-07-19_0