wetzoeker

Artikel 6 Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Suriname inzake de export en handhaving van sociale-verzekeringsuitkeringen

1 Bij iedere aanvraag of verificatie van een lopende uitkering dient de uitkeringsgerechtigde of zijn gezinslid zich te identificeren.

2 Identificatie geschiedt door middel van een paspoort of een ander officieel identiteitsbewijs.

3 De Nederlandse diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging of, in voorkomend geval, een instantie bedoeld in artikel 5, vijfde lid, identificeert de uitkeringsgerechtigde of zijn gezinslid overeenkomstig het bepaalde in het tweede lid.

4 De Nederlandse diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging of, in voorkomend geval, een instantie bedoeld in artikel 5, vijfde lid, stelt het bevoegde orgaan in kennis dat de identiteit naar behoren is vastgesteld onder toezending van een gewaarmerkt afschrift van het paspoort of identiteitsbewijs.

5 Het Nederlandse bevoegde orgaan stelt aan de hand van de identificatie het recht op uitkering of de rechtmatigheid van de betaling vast.

Regeling
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Suriname inzake de export en handhaving van sociale-verzekeringsuitkeringen
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-11-2002
BWB-id
BWBV0001496
Versie
2002-11-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl