wetzoeker

Artikel 11 Verdrag inzake sociale zekerheid tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van Nieuw-Zeeland

BEPALINGEN BETREFFENDE NIEUW-ZEELANDSE UITKERINGEN

Een persoon die:

a. een vaste woonplaats heeft in Nieuw-Zeeland;

b. slechts gerechtigd is een uitkering te ontvangen bij toepassing van de bepalingen inzake optelling van artikel 7; en

c. hetzij:

i. Nieuw-Zeeland verlaat met het voornemen te gaan wonen in een derde staat voor een periode van langer dan 26 weken, of

ii. woont in een derde staat voor een periode van langer dan 26 weken;

is niet gerechtigd een Nieuw-Zeelands pensioen of een veteranenpensioen te ontvangen terwijl hij zich buiten Nieuw-Zeeland of Nederland bevindt, tenzij hij of zij gerechtigd is die uitkering te ontvangen krachtens een verdrag inzake sociale zekerheid die Nieuw-Zeeland is aangegaan met die derde staat.

Regeling
Verdrag inzake sociale zekerheid tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van Nieuw-Zeeland
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-11-2003
BWB-id
BWBV0001449
Versie
2003-11-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl