wetzoeker

Artikel 13 Aanvullende Overeenkomst bij het Verdrag van 19 juni 1951 tussen de Staten die Partij zijn bij het Noord-Atlantisch Verdrag nopens de rechtspositie van hun krijgsmachten met betrekking tot de in het Koninkrijk der Nederlanden gestationeerde Duitse strijdkrachten

1 Indien het in de loop van een strafproces tegen een lid van de Bundeswehr noodzakelijk is vast te stellen of een strafbaar feit is voortgevloeid uit een handelen of nalaten in de uitoefening van de dienst, is voor deze vaststelling het Duitse recht beslissend. De bevoegde Duitse autoriteit kan aan de Nederlandse rechtbank of autoriteit die met de behandeling van de zaak is belast, daaromtrent een officiële verklaring overleggen.

2 De Nederlandse rechtbank of autoriteit beslist in overeenstemming met de verklaring.

Regeling
Aanvullende Overeenkomst bij het Verdrag van 19 juni 1951 tussen de Staten die Partij zijn bij het Noord-Atlantisch Verdrag nopens de rechtspositie van hun krijgsmachten met betrekking tot de in het Koninkrijk der Nederlanden gestationeerde Duitse strijdkrachten
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-09-2000
BWB-id
BWBV0001445
Versie
2000-09-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl