wetzoeker

Artikel 19 Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Marokko inzake de overbrenging van gevonniste personen

stukken ter ondersteuning

1 Behoudens uitzonderingsgevallen, worden de verzoeken door het Ministerie van Justitie van de verzoekende Staat aan het Ministerie van Justitie van de aangezochte Staat gericht. De antwoorden worden zo snel mogelijk langs hetzelfde kanaal gegeven.

2 De aangezochte Staat stelt de verzoekende Staat onverwijld in kennis van de beslissing tot instemming met of de weigering van de verzochte overbrenging.

3 Elke weigering dient met redenen te zijn omkleed.

Regeling
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Marokko inzake de overbrenging van gevonniste personen
Afkortingen
WOTS (verdrag), WOTS Marokko
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-05-2001
BWB-id
BWBV0001425
Versie
2001-05-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl