wetzoeker

Gemeenschappelijke verklaring betreffende het begrip „zeggenschap" in artikel 25, onder b), en artikel 36 Partnerschaps- en Samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Gemeenschappen en hun Lid-Staten, enerzijds, en de Republiek Armenië, anderzijds

1. De partijen bevestigen dat zij onderling zijn overeengekomen dat „zeggenschap"afhangt van de feitelijke omstandigheden van elk geval.

2. Een onderneming wordt bijvoorbeeld geacht onder „zeggenschap" van een andere onderneming te staan, en dus een dochteronderneming van de betrokken onderneming te zijn, indien:

- de andere onderneming rechtstreeks of middellijk beschikt over een meerderheid van de stemrechten, of

- de andere partij het recht heeft een meerderheid van het bestuursleidinggevend of toezichthoudend orgaan aan te stellen of af te zetten, en tezelfdertijd aandeelhouder of lid van de dochteronderneming is.

3. Beide partijen beschouwen de in punt 2 vermelde criteria niet als een limitatieve opsomming.

Regeling
Partnerschaps- en Samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Gemeenschappen en hun Lid-Staten, enerzijds, en de Republiek Armenië, anderzijds
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-07-1999
BWB-id
BWBV0001348
Versie
1999-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl