Verdrag inzake de toetreding van de Republiek Oostenrijk, de Republiek Finland en het Koninkrijk Zweden tot het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst, ter ondertekening opengesteld te Rome op 19 juni 1980, en tot het Eerste en het Tweede Protocol betreffende de uitlegging ervan door het Hof van Justitie
- Soort
- Verdrag
- Geldend vanaf
- 01-10-1998
- Rechtsgebied
- Arbitrage, Internationaal privaatrecht Inclusief internationaal procesrecht, Internationaal strafrecht, Strafrecht
- Ministerie
- Buitenlandse Zaken
- BWB-id
- BWBV0001299
- Versie
- 1998-10-01_0
- SHA-256 bron
- 5d72661387ec934446b5cc05c085c2dda64c6711ca2288cf85fa9a9999691224
Verdrag inzake de toetreding van de Republiek Oostenrijk, de Republiek Finland en het Koninkrijk Zweden tot het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst, ter ondertekening opengesteld te Rome op 19 juni 1980, en tot het Eerste en het Tweede Protocol betreffende de uitlegging ervan door het Hof van Justitie › TITEL I — ALGEMENE BEPALINGEN
Artikel 1
De Republiek Oostenrijk, de Republiek Finland en het Koninkrijk Zweden treden toe
a. tot het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst, ter ondertekening opengesteld te Rome op 19 juni 1980, hierna „Verdrag van 1980” te noemen, met alle aanpassingen en wijzigingen die daarin zijn aangebracht:
– bij het te Luxemburg op 10 april 1984 ondertekende Verdrag, hierna „Verdrag van 1984” te noemen, inzake de toetreding van de Helleense Republiek tot het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst;
– bij het te Funchal op 18 mei 1992 ondertekende Verdrag, hierna „Verdrag van 1992” te noemen, inzake de toetreding van het Koninkrijk Spanje en de Portugese Republiek tot het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst;
b. tot het op 19 december 1988 ondertekende Eerste Protocol, hierna „Eerste Protocol van 1988” te noemen, betreffende de uitlegging door het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen van het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst;
c. tot het op 19 december 1988 ondertekende Tweede Protocol, hierna „Tweede Protocol van 1988” te noemen, waarbij aan het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen bepaalde bevoegdheden worden toegekend inzake de uitlegging van het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst.
Verdrag inzake de toetreding van de Republiek Oostenrijk, de Republiek Finland en het Koninkrijk Zweden tot het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst, ter ondertekening opengesteld te Rome op 19 juni 1980, en tot het Eerste en het Tweede Protocol betreffende de uitlegging ervan door het Hof van Justitie › TITEL II — AANPASSINGEN IN HET PROTOCOL BIJ HET VERDRAG VAN 1980
Artikel 2
Wijzigt het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst; Rome, 19 juni 1980.
Verdrag inzake de toetreding van de Republiek Oostenrijk, de Republiek Finland en het Koninkrijk Zweden tot het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst, ter ondertekening opengesteld te Rome op 19 juni 1980, en tot het Eerste en het Tweede Protocol betreffende de uitlegging ervan door het Hof van Justitie › TITEL III — AANPASSINGEN IN HET EERSTE PROTOCOL VAN 1988
Artikel 3
Wijzigt het Eerste Protocol betreffende de uitlegging door het Hof van Justitie van het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst, voor ondertekening opengesteld op 19 juni 1980; Brussel, 19 december 1988
Verdrag inzake de toetreding van de Republiek Oostenrijk, de Republiek Finland en het Koninkrijk Zweden tot het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst, ter ondertekening opengesteld te Rome op 19 juni 1980, en tot het Eerste en het Tweede Protocol betreffende de uitlegging ervan door het Hof van Justitie › TITEL IV — SLOTBEPALINGEN
Artikel 4
1 De Secretaris-Generaal van de Raad van de Europese Unie zendt aan de Regeringen van de Republiek Oostenrijk, de Republiek Finland en het Koninkrijk Zweden een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift in de Deense, de Duitse, de Engelse, de Franse, de Griekse, de Ierse, de Italiaanse, de Nederlandse, de Portugese en de Spaanse taal van het Verdrag van 1980, het Verdrag van 1984, het Eerste Protocol van 1988, het Tweede Protocol van 1988 en het Verdrag van 1992.
2 De tekst van het Verdrag van 1980, het Verdrag van 1984, het Eerste Protocol van 1988, het Tweede Protocol van 1988 en het Verdrag van 1992 in de Finse en de Zweedse taal is op gelijke wijze authentiek als de overige teksten van het Verdrag van 1980, het Verdrag van 1984, het Eerste Protocol van 1988, het Tweede Protocol van 1988 en het Verdrag van 1992.
Verdrag inzake de toetreding van de Republiek Oostenrijk, de Republiek Finland en het Koninkrijk Zweden tot het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst, ter ondertekening opengesteld te Rome op 19 juni 1980, en tot het Eerste en het Tweede Protocol betreffende de uitlegging ervan door het Hof van Justitie › TITEL IV — SLOTBEPALINGEN
Artikel 5
Dit Verdrag wordt door de ondertekenende Staten bekrachtigd. De akten van bekrachtiging worden nedergelegd bij de Secretaris-Generaal van de Raad van de Europese Unie.
Verdrag inzake de toetreding van de Republiek Oostenrijk, de Republiek Finland en het Koninkrijk Zweden tot het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst, ter ondertekening opengesteld te Rome op 19 juni 1980, en tot het Eerste en het Tweede Protocol betreffende de uitlegging ervan door het Hof van Justitie › TITEL IV — SLOTBEPALINGEN
Artikel 6
1 Dit Verdrag treedt tussen de Staten die het hebben bekrachtigd, in werking op de eerste dag van de derde maand volgende op de nederlegging van de laatste akte van bekrachtiging door de Republiek Oostenrijk, de Republiek Finland of het Koninkrijk Zweden en een Verdragsluitende Staat die het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst heeft bekrachtigd.
2 Dit Verdrag treedt voor elke Verdragsluitende Staat die het later bekrachtigt, in werking op de eerste dag van de derde maand volgende op de nederlegging van zijn akte van bekrachtiging.
Verdrag inzake de toetreding van de Republiek Oostenrijk, de Republiek Finland en het Koninkrijk Zweden tot het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst, ter ondertekening opengesteld te Rome op 19 juni 1980, en tot het Eerste en het Tweede Protocol betreffende de uitlegging ervan door het Hof van Justitie › TITEL IV — SLOTBEPALINGEN
Artikel 7
De Secretaris-Generaal van de Raad van de Europese Unie stelt de ondertekenende Staten in kennis van:
a. de nederlegging van iedere akte van bekrachtiging;
b. de data van inwerkingtreding van dit Verdrag voor de Verdragsluitende Staten.
Verdrag inzake de toetreding van de Republiek Oostenrijk, de Republiek Finland en het Koninkrijk Zweden tot het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst, ter ondertekening opengesteld te Rome op 19 juni 1980, en tot het Eerste en het Tweede Protocol betreffende de uitlegging ervan door het Hof van Justitie › TITEL IV — SLOTBEPALINGEN
Artikel 8
Dit Verdrag, opgesteld in één exemplaar in de Deense, de Duitse, de Engelse, de Finse, de Franse, de Griekse, de Ierse, de Italiaanse, de Nederlandse, de Portugese, de Spaanse en de Zweedse taal, welke twaalf teksten gelijkelijk authentiek zijn, zal worden nedergelegd in het archief van het Secretariaat-Generaal van de Raad van de Europese Unie. De Secretaris-Generaal zendt een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift daarvan toe aan de Regering van elke ondertekenende Staat.