wetzoeker

Artikel 10 Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Letland inzake scheepvaart

1 De Verdragsluitende Partijen erkennen wederzijds de nationaliteit van schepen op basis van het registratiebewijs dat door de bevoegde autoriteiten van een van beide Partijen naar behoren is afgegeven overeenkomstig haar wetten en voorschriften.

2 De Verdragsluitende Partijen erkennen wederzijds, in overeenstemming met de desbetreffende internationale verdragen, de meetbrief en andere scheepsdocumenten die volgens de voorschriften zijn afgegeven door de bevoegde autoriteiten van een van beide Partijen of die worden erkend door de ene Verdragsluitende Partij en waartegen de andere Partij geen bezwaar maakt, zonder de betrokken schepen opnieuw te meten. Alle havengelden en kosten worden op basis van deze documenten geïnd.

Regeling
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Letland inzake scheepvaart
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-09-1997
BWB-id
BWBV0001296
Versie
1997-09-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl