wetzoeker

Gemeenschappelijke verklaring betreffende artikel 28 Overeenkomst inzake Partnerschap en Samenwerking waarbij een partnerschap tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun Lid-Staten, enerzijds, en de Russische Federatie, anderzijds

Onverminderd het bepaalde in de artikelen 50 en 51 komen de Partijen overeen dat de uitdrukking „overeeenkomstig wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen” in artikel 28, leden len 4, betekent dat elke Partij voorschriften voor de vestiging van vennootschappen door de oprichting van dochterondernemingen en filialen als omschreven in artikel 30, en voor de werking van filialen mag vaststellen, op voorwaarde dat deze wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen geen voorbehouden instellen die in een minder gunstige behandeling resulteren dan die welke wordt toegekend aan vennootschappen of filialen uit enig derde land.

Onverminderd de in de bijlagen 3 en 4 genoemde voorbehouden en het bepaalde in de artikelen 50 en 51 komen de Partijen overeen dat de uitdrukking „overeenkomstig wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen” in artikel 28, leden 2 en 3, betekent dat elke Partij voorschriften voor de werking van vennootschappen op haar grondgebied mag vaststellen, op voorwaarde dat deze wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen, wat de werking van vennootschappen van de andere Partij betreft, geen nieuwe voorbehouden instellen die in een minder gunstige behandeling resulteren dan de gunstigste behandeling die wordt toegekend aan eigen vennootschappen of aan dochterondernemingen van vennootschappen van enig derde land.

Regeling
Overeenkomst inzake Partnerschap en Samenwerking waarbij een partnerschap tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun Lid-Staten, enerzijds, en de Russische Federatie, anderzijds
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-12-1997
BWB-id
BWBV0001261
Versie
1997-12-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl