wetzoeker

Artikel 15 Verdrag inzake de bescherming en het gebruik van grensoverschrijdende waterlopen en internationale meren

BEPALINGEN DIE GELDEN VOOR OEVERSTATEN

1 Indien een kritieke situatie zich mocht voordoen, verlenen de Oeverstaten elkaar op verzoek wederzijdse bijstand, waarbij zij de overeenkomstig het tweede lid van dit artikel vast te stellen procedures volgen.

2 De Oeverstaten stellen in onderling overleg procedures voor wederzijdse bijstand op waarin onder andere de volgende onderwerpen worden geregeld:

a. de leiding over, het toezicht op, de coördinatie van en het opzicht over de bijstand;

b. plaatselijke voorzieningen en diensten, te verlenen door de Partij die om bijstand verzoekt, waaronder, indien nodig, versoepeling van de douaneformaliteiten;

c. regelingen voor het vrijwaren van, het schadeloos stellen van en/of het betalen van vergoedingen aan de bijstandverlenende Partij en/of haar personeel, alsmede voor de doortocht door grondgebieden van derde Partijen, waar nodig;

d. methoden voor het vergoeden van verleende bijstand.

Regeling
Verdrag inzake de bescherming en het gebruik van grensoverschrijdende waterlopen en internationale meren
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
06-02-2013
BWB-id
BWBV0001174
Versie
2013-02-06_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl