Bijkomende bepalingen tot uitlegging van de Uniforme Regelen betreffende de overeenkomst van internationaal spoorwegvervoer van goederen (CIM), Bijlage B bij het COTIF, in het geval van scheiding van het beheer van de spoorweginfrastructuur en de exploitatie van de vervoerdiensten van de spoorwegondernemingen Bijkomende bepalingen tot uitlegging van de Uniforme Regelen betreffende de overeenkomst van internationaal spoorwegvervoer van goederen (CIM), Bijlage B bij het COTIF, in het geval van scheiding van het beheer van de spoorweginfrastructuur en de exploitatie van de vervoersdiensten van de spoorwegondernemingen
Overwegende dat het Verdrag betreffende het internationale spoorwegvervoer (COTIF) van 9 mei 1980 berust op de grondslag dat de spoorwegen zowel hun infrastructuur beheren als de spoorwegvervoerdiensten exploiteren, maar dat bepaalde staten deze beide activiteiten aan het scheiden zijn;
Overwegende dat de door het COTIF bereikte rechtseenheid zowel voor de gebruikers als voor de vervoerders een belangrijk element van rechtszekerheid vormt, dat het rechtstreekse internationale spoorwegvervoer in Europa en verder vergemakkelijkt;
Overwegende dat het dus wenselijk is dat het internationale spoorwegvervoer aan het COTIF onderworpen blijft;
Overwegende dat het COTIF niet veronderstelt dat meer dan één spoorwegonderneming als partij bij de overeenkomst met de klant een internationaal spoorwegvervoer verricht;
Ervan bewust nochtans dat in een dergelijk geval zekere bepalingen van de CIM zonder gevolg kunnen zijn, voor zover die ervan uitgaan dat meerdere spoorwegen achtereenvolgens als vervoerder deelnemen aan de uitvoering van een internationaal vervoer dat door één overeenkomst is geregeld;
Ervan bewust dat een herziening van het COTIF noodzakelijk en dringend is, maar dat die veel werk vereist, hebben de vertegenwoordigers van de Lidstaten van de OTIF, van 22 tot 26 november 1993 te Bern bijeen, krachtens artikel 9 van de CIM de volgende bijkomende bepalingen uitgewerkt en bevelen de Lidstaten aan deze op 1 januari 1995 in werking te doen treden:
1. Bij de inschrijving van spoorlijnen in de zin van artikel 2 § 1 van het COTIF volstaat het dat de beheerder van de infrastructuur op de lijst van CIM-lijnen is ingeschreven.
2. Er is slechts sprake van „exploitatie” in de zin van artikel 2, §§ 1 en 2 van de CIM als de betrokken „spoorweg” zowel de infrastructuur beheert als de spoorwegvervoerdiensten exploiteert.
3. Met uitzondering van de artikelen 2 en 4c) van de CIM wordt onder „spoorweg” de exploitant van de spoorwegvervoerdiensten op CIM-lijnen verstaan. In artikel 4 c) van de CIM omvat het begrip eveneens de beheerders van de infrastructuur.
4. De artikelen 18, 19, § 4, 20, § 3 en 25, § 3 van de CIM regelen de aansprakelijkheid van de afzender slechts tussen de partijen bij de vervoerovereenkomst.
5. Zolang bij een internationaal spoorwegvervoer slechts één exploitant van spoorwegvervoerdiensten optreedt, moeten de door de CIM toegestane machtigingen om, hetzij in de tarieven hetzij bij overeenkomst, afwijkende regelingen te treffen, verstaan worden in de zin dat deze exploitant van spoorwegvervoerdiensten de betreffende overeenkomsten kan afsluiten, in het bijzonder in het kader van de artikelen 27, 30 en 31 van de CIM.
6. Onder „immatriculerende spoorweg” in het RIP wordt de instelling verstaan die overeenkomstig de geldende bepalingen wagons heeft ingeschreven die bestemd zijn om in het internationaal verkeer te worden gebruikt.
7. Onder „spoorweg die tot de toelating overgaat” in het RICo wordt de instelling verstaan die overeenkomstig de geldende bepalingen containers heeft toegelaten die bestemd zijn om in het internationaal verkeer te worden gebruikt.
8. Deze bijkomende bepalingen treden in werking en worden bekendgemaakt in de vorm die door de wetten en reglementen van elke Lid staat is voorgeschreven. De bijkomende bepalingen en hun inwerkingtreding worden medegedeeld aan het Centraal Bureau, dat al de andere Lidstaten er onverwijld van op de hoogte brengt.
- Regeling
- Bijkomende bepalingen tot uitlegging van de Uniforme Regelen betreffende de overeenkomst van internationaal spoorwegvervoer van goederen (CIM), Bijlage B bij het COTIF, in het geval van scheiding van het beheer van de spoorweginfrastructuur en de exploitatie van de vervoersdiensten van de spoorwegondernemingen
- Soort
- Verdrag
- Geldend vanaf
- 01-01-1995
- BWB-id
- BWBV0001170
- Versie
- 1995-01-01_0