wetzoeker

Artikel 18 Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Voorbereidende Commissie voor de Organisatie voor het Verbod van Chemische Wapens betreffende de zetel van de Commissie

1 Geschillen tussen de Partijen betreffende de uitlegging of toepassing van dit Verdrag die niet in der minne kunnen worden geschikt, worden op verzoek van een van beide Partijen bij het geschil voorgelegd aan een tribunaal van drie scheidsmannen. Elke Partij benoemt een scheidsman, en de twee aldus benoemde scheidsmannen benoemen samen een derde scheidsman als hun voorzitter.

2 Indien een van de Partijen nalaat een scheidsman te benoemen en geen stappen daartoe heeft ondernomen binnen twee maanden na een verzoek van de andere Partij om die benoeming te verrichten, kan de andere Partij de President van het Internationale Gerechtshof verzoeken de benoeming te verrichten.

3 Indien de twee scheidsmannen er niet in slagen binnen twee maanden na hun benoeming overeenstemming te bereiken over de keuze van de derde scheidsman, kan elk van beide partijen de President van het Internationale Gerechtshof verzoeken de benoeming te verrichten.

4 Tenzij de Partijen anders beslissen, stelt het scheidsgerecht zijn eigen procedureregels vast.

5 Het scheidsgerecht komt tot een uitspraak met meerderheid van stemmen. De uitspraken van het scheidsgerecht zijn onherroepelijk en bindend voor de Partijen bij het geschil.

Regeling
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Voorbereidende Commissie voor de Organisatie voor het Verbod van Chemische Wapens betreffende de zetel van de Commissie
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
23-02-1994
BWB-id
BWBV0001113
Versie
1994-02-23_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl