wetzoeker

Artikel 9 Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Federale Republiek Nigeria inzake de bevordering en de wederzijdse bescherming van investeringen

Elke Overeenkomstsluitende Partij stemt er hierbij mee in juridische geschillen die zich voordoen tussen die Overeenkomstsluitende Partij en een onderdaan van de andere Overeenkomstsluitende Partij betreffende een investiering van die onderdaan op het grondgebied van de eerstbedoelde Overeenkomstsluitende Partij voor te leggen aan het Internationaal Centrum voor beslechting van investeringsgeschillen voor beslechting door middel van conciliatie of arbitrage krachtens het Verdrag inzake de beslechting van investeringsgeschillen tussen Staten en onderdanen van andere Staten, dat op 18 maart 1965 te Washington D.C. werd opengesteld voor ondertekening. Een rechtspersoon die onderdaan is van de ene Overeenkomstsluitende Partij en die, voordat een zodanig geschil zich voordoet, onder toezicht staat van onderdanen van de andere Overeenkomstsluitende Partij, wordt overeenkomstig artikel 25, tweede lid, letter b, van het Verdrag voor de toepassing van het Verdrag behandeld als onderdaan van de andere Overeenkomstsluitende Partij.

Regeling
Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Federale Republiek Nigeria inzake de bevordering en de wederzijdse bescherming van investeringen
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-02-1994
BWB-id
BWBV0001111
Versie
1994-02-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl