wetzoeker

Artikel III Verdrag inzake technische samenwerking tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Gambia

1 De Regering van Gambia stelt de Nederlandse Regering en het Nederlandse personeel schadeloos en vrijwaart hun ter zake van elke extra-contractuele wettelijke aansprakelijkheid voortvloeiend uit het verrichten of nalaten van handelingen door een of meer van de bedoelde personen tijdens werkzaamheden vallend onder of ondernomen uit hoofde van dit Verdrag die de dood van of letsel aan derden veroorzaken of schade aan het eigendom van derden, voor zover deze aansprakelijkheid niet door een verzekering is gedekt, en onthoudt zich van het instellen van vorderingen of het nemen van gerechtelijke stappen vanwege extra-contractuele wettelijke aansprakelijkheid, tenzij de wettelijke aansprakelijkheid het gevolg is van opzettelijk onjuist handelen of grove nalatigheid van een of meer van de bedoelde personen.

2 Ingeval de Regering van Gambia de Regering van Nederland of een of meer van de bedoelde personen vrijwaart ter zake van een vordering of gerechtelijke stappen op grond van extra-contractuele wettelijke aansprakelijkheid in overeenstemming met het eerste lid van dit artikel, is de Regering van Gambia gerechtigd alle rechten te doen gelden die de Regering van Nederland of de bedoelde personen kunnen doen gelden.

3 Indien de Regering van Gambia zulks verzoekt, verschaft de Regering van Nederland de bevoegde autoriteiten van Gambia de noodzakelijke administratieve of juridische bijstand voor een bevredigende regeling van eventuele problemen die kunnen ontstaan in verband met de toepassing van het eerste en tweede lid van dit artikel.

Regeling
Verdrag inzake technische samenwerking tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Gambia
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
16-07-1993
BWB-id
BWBV0001095
Versie
1993-07-16_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl