wetzoeker

Artikel 18 Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Canada inzake wederzijdse rechtshulp in strafzaken

1 De aangezochte Staat draagt de kosten die zijn gemoeid met de uitvoering van het verzoek om rechtshulp, met uitzondering van de door de verzoekende Staat te dragen:

a. kosten die verband houden met de overkomst van een persoon van of naar het grondgebied van de verzoekende Staat, alsook alle honoraria, toelagen en onkostenvergoedingen die aan die persoon verschuldigd zijn tijdens zijn verblijf in de verzoekende Staat ingevolge een verzoek uit hoofde van de artikelen 11 of 12; en

b. kosten die verband houden met de overkomst van ambtenaren die zijn belast met de bewaking of begeleiding.

2 Indien blijkt dat de tenuitvoerlegging van het verzoek bovenmatige kosten met zich meebrengt, plegen de Partijen overleg om de voorwaarden waaronder en de wijze waarop de verzochte rechtshulp kan worden verleend, vast te stellen.

Regeling
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Canada inzake wederzijdse rechtshulp in strafzaken
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-05-1992
BWB-id
BWBV0001049
Versie
1992-05-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl