wetzoeker

Artikel 14 Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Canada inzake wederzijdse rechtshulp in strafzaken

1 De aangezochte Staat betekent elk hem ter betekening toegezonden stuk.

2 De verzoekende Staat zendt een verzoek om betekening van een dagvaarding of oproeping om te verschijnen in de verzoekende Staat, binnen een redelijke termijn vóór de datum waarop de betrokkene moet verschijnen.

3 De aangezochte Staat zendt een bewijs van de betekening aan de verzoekende Staat.

Regeling
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Canada inzake wederzijdse rechtshulp in strafzaken
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-05-1992
BWB-id
BWBV0001049
Versie
1992-05-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl