wetzoeker

Artikel 1 Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Canada inzake wederzijdse rechtshulp in strafzaken

Voor de toepassing van dit Verdrag

wordt verstaan onder „centrale autoriteit":

a. voor Canada: de Minister van Justitie;

b. voor het Koninkrijk der Nederlanden: de Minister van Justitie van Nederland, de Minister van Justitie van de Nederlandse Antillen, of de Minister van Justitie van Aruba, al naar het geval;

wordt verstaan onder „strafbaar feit":

a. wat Canada betreft, elk strafbaar feit als zodanig aangemerkt in een wet aangenomen door het Parlement of elk strafbaar feit als zodanig aangemerkt door de wetgever van een provincie;

b. wat het Koninkrijk der Nederlanden betreft, elk strafbaar feit als zodanig aangemerkt door de wetgever van Nederland, de Nederlandse Antillen of Aruba.

Regeling
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Canada inzake wederzijdse rechtshulp in strafzaken
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-05-1992
BWB-id
BWBV0001049
Versie
1992-05-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl