wetzoeker

Artikel 20 Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Australië inzake wederzijdse rechtshulp in strafzaken

De aangezochte Staat draagt de kosten die zijn gemoeid met de uitvoering van het verzoek om rechtshulp, met uitzondering van de door de verzoekende Staat te dragen:

(a) kosten die verband houden met de overkomst van een persoon van of naar het grondgebied van de aangezochte Staat, alsook alle honoraria, toelagen en onkostenvergoedingen die aan de betrokkene verschuldigd zijn tijdens zijn of haar verblijf in de verzoekende Staat ingevolge een verzoek uit hoofde van de artikelen 12 of 13;

(b) kosten die verband houden met de overkomst van ambtenaren die zijn belast met de bewaking of begeleiding; en

(c) uitzonderlijke kosten, zo de aangezochte Staat daarom verzoekt, die gemoeid zijn met de uitvoering van het verzoek.

Regeling
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Australië inzake wederzijdse rechtshulp in strafzaken
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-06-1991
BWB-id
BWBV0001044
Versie
1991-06-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl