wetzoeker

Artikel 4 Tweede Facultatieve Protocol bij het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten, gericht op de afschaffing van de doodstraf

Ten aanzien van de Staten die Partij zijn bij het Verdrag die een verklaring hebben afgelegd krachtens artikel 41, wordt de bevoegdheid van het Comité voor de rechten van de mens om kennisgevingen waarin een Staat die Partij is beweert dat een andere Staat die Partij is diens verplichtingen niet nakomt, in ontvangst te nemen en te behandelen, uitgebreid tot de bepalingen van dit Protocol, tenzij de betrokken Staat die Partij is het tegendeel heeft kenbaar gemaakt op het tijdstip van bekrachtiging of toetreding.

Regeling
Tweede Facultatieve Protocol bij het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten, gericht op de afschaffing van de doodstraf
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
11-07-1991
BWB-id
BWBV0001043
Versie
1991-07-11_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl