wetzoeker

Artikel 5 Verdrag inzake de overbrenging van gevonniste personen

1 De verzoeken tot overbrenging en de antwoorden daarop geschieden schriftelijk.

2 De verzoeken worden door het Ministerie van Justitie van de verzoekende Staat aan het Ministerie van Justitie van de aangezochte Staat gericht. De antwoorden worden langs dezelfde kanalen gegeven.

3 Een Partij kan door middel van een aan de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa gerichte verklaring aangeven dat zij andere kanalen van berichtgeving zal gebruiken.

4 De aangezochte Staat stelt de verzoekende Staat onverwijld in kennis van zijn beslissing of al dan niet met de verzochte overbrenging wordt ingestemd.

Regeling
Verdrag inzake de overbrenging van gevonniste personen
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-01-1988
BWB-id
BWBV0001039
Versie
1988-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl