wetzoeker

Artikel 19 Verdrag inzake de overbrenging van gevonniste personen

1 Na de inwerkingtreding van dit Verdrag kan het Comité van Ministers van de Raad van Europa, na overleg met de Verdragsluitende Staten iedere Staat die geen lid is van de Raad en niet in artikel 18(1) is genoemd, uitnodigen tot het Verdrag toe te treden, bij een beslissing welke overeenkomstig artikel 20 d van het Statuut van de Raad van Europa met meerderheid van stemmen is genomen, en met eenstemmigheid van de vertegenwoordigers van de Verdragsluitende Staten die recht hebben in het Comité zitting te nemen.

2 Ten aanzien van iedere toetredende Staat, treedt het Verdrag in werking op de eerste dag van de maand die volgt op het verstrijken van een tijdvak van drie maanden na de datum van nederlegging van de akte van toetreding bij de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa.

Regeling
Verdrag inzake de overbrenging van gevonniste personen
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-01-1988
BWB-id
BWBV0001039
Versie
1988-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl