wetzoeker

Artikel 13 Europees Verdrag betreffende de overdracht van strafvervolging

PROCEDURE VAN OVERDRACHT

1 De in dit Verdrag bedoelde verzoeken worden schriftelijk gedaan. Zij worden, evenals alle voor de toepassing van dit Verdrag benodigde mededelingen, hetzij door het Ministerie van Justitie van de verzoekende Staat aan het Ministerie van Justitie van de aangezochte Staat, hetzij, krachtens bijzondere overeenkomsten, door de autoriteiten van de verzoekende Staat rechtstreeks aan die van de aangezochte Staat toegezonden en op dezelfde wijze teruggezonden.

2 In spoedeisende gevallen kunnen de verzoeken en mededelingen worden gedaan door tussenkomst van de Internationale Politie Organisatie (INTERPOL).

3 Iedere Verdragsluitende Staat kan door middel van een tot de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa te richten verklaring te kennen geven, dat hij wat hemzelf betreft wenst af te wijken van de in het eerste lid van dit artikel neergelegde regels voor de overdracht.

Regeling
Europees Verdrag betreffende de overdracht van strafvervolging
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
29-09-1990
BWB-id
BWBV0001035
Versie
1990-09-29_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl