wetzoeker

Artikel 6 Europees Verdrag tot bestrijding van terrorisme

1 Elke Verdragsluitende Staat neemt de maatregelen die nodig zijn om zijn bevoegdheid vast te leggen tot kennisneming van een strafbaar feit bedoeld in artikel 1 in het geval waarin de vermoedelijke dader zich op zijn grondgebied bevindt en deze Staat hem niet uitlevert na een verzoek tot uitlevering te hebben ontvangen van een Verdragsluitende Staat waarvan de bevoegdheid tot vervolging is gebaseerd op een bevoegdheidsregel die eveneens bestaat in de wetgeving van de aangezochte Staat.

2 Dit Verdrag sluit geen enkele bevoegdheid in strafzaken uit die wordt uitgeoefend krachtens de nationale wet.

Regeling
Europees Verdrag tot bestrijding van terrorisme
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
19-07-1985
BWB-id
BWBV0001034
Versie
1985-07-19_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl