wetzoeker

Besluit ondermandaat, volmacht en machtiging voor het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat 2026

Besluit van de directeur-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat van 30 juli tot verlening van ondermandaat, volmacht en machtiging voor het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (Besluit ondermandaat, volmacht en machtiging voor het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat 2026)

Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
05-09-2026
Rechtsgebied
Staats- en bestuursrecht, Staatsrecht
Ministerie
Economische Zaken en Klimaat
BWB-id
BWBR0053083
Versie
2026-09-05_0
SHA-256 bron
45dcea4fc0c2f690b496d4b6132d702cc9c6953149f2fd16f525142e00b3b02f

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (16)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2
  3. Artikel 3
  4. Artikel 4
  5. Artikel 5
  6. Artikel 6
  7. Artikel 7
  8. Artikel 8
  9. Artikel 9
  10. Artikel 10
  11. Artikel 11
  12. Artikel 12
  13. Artikel 13
  14. Artikel 14
  15. Artikel 15
  16. Artikel 16

§ 1 — Algemene bepalingen

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

directeur-generaal: directeur-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat;

directeuren: directeuren van het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat;

MT-lid van een directie: lid van het managementteam van een directie met uitzondering van de directeur;

hoofd Eenheid Strategie, Analyse en Advies: hoofd Eenheid Strategie, Analyse en Advies van het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat;

coördinator Economische Zaken en Klimaat bij de Rijksdienst Caribisch Nederland: coördinator Economische Zaken en Klimaat bij de Rijksdienst Caribisch Nederland van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat;

secretaris ATR: secretaris Adviescollege toetsing regeldruk;

Commissaris Militaire Productie: Commissaris Militaire Productie van het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat;

industriële-participatieadviseurs Militaire Productie: compensatieadviseurs Militaire Productie van het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat;

industriële-participatieadministrateurs Militaire Productie: compensatieadministrateurs Militaire Productie van het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat;

programmamanager Economische Veiligheid en Weerbaarheid: programmamanager Economische Veiligheid en Weerbaarheid van het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat;

bedrag: bedrag inclusief de verschuldigde omzetbelasting (BTW).

§ 2 — Taakverdeling tussen de directeur-generaal en de onder hem ressorterende functionarissen

Artikel 2

Aan de directeur-generaal is voorbehouden: het nemen van besluiten, het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen en het verrichten van andere handelingen dan een besluit of een privaatrechtelijke rechtshandeling betreffende de volgende aangelegenheden:

a. onderwerpen die twee of meer directies van zijn dienstonderdeel raken, tenzij daarover tussen de betrokken directeuren overeenstemming bestaat;

b. aangelegenheden op het werkterrein van een directeur, respectievelijk het hoofd Eenheid Strategie, Analyse en Advies:

1°. ten aanzien waarvan de directeur-generaal in een incidenteel geval mededeling heeft gedaan dat zij door hem zullen worden behandeld, of

2°. die door een directeur, respectievelijk het hoofd Eenheid Strategie, Analyse en Advies aan de directeur-generaal ter afhandeling worden voorgelegd, tenzij zij naar het oordeel van de directeur-generaal door een andere functionaris moeten worden behandeld.

§ 2 — Taakverdeling tussen de directeur-generaal en de onder hem ressorterende functionarissen

Artikel 3

1 Aan de directeuren wordt, ieder voor zich, ondermandaat, volmacht en machtiging verleend voor aangelegenheden op zijn werkterrein met dien verstande dat het aangaan van financiële verplichtingen een bedrag van € 2.000.000 per verplichting niet te boven gaat.

2 Aan de directeuren wordt tevens, ieder voor zich, voor de onder hen ressorterende medewerkers ondermandaat, volmacht en machtiging verleend voor:

a. het verlenen van vakantie en kort buitengewoon verlof;

b. het verlenen van zwangerschaps-, bevallings-, en ouderschapsverlof;

c. het accorderen van P-Direkt aanvragen;

d. het aangaan en afhandelen van verplichtingen inzake de opleiding van personeel en het accorderen van de desbetreffende betalingen;

e. het accorderen van aanvragen voor dienstreizen en het goedkeuren van reiskostendeclaraties binnen en buiten de Europese Unie.

§ 2 — Taakverdeling tussen de directeur-generaal en de onder hem ressorterende functionarissen

Artikel 4

1 Aan de MT-leden van een directie wordt, ieder voor zich, ondermandaat, volmacht en machtiging verleend voor aangelegenheden op zijn werkterrein met dien verstande dat het aangaan van financiële verplichtingen een bedrag van € 100.000 per verplichting niet te boven gaat.

2 Aan de MT-leden van een directie wordt voorts, ieder voor zich, voor de onder hen ressorterende medewerkers ondermandaat, volmacht en machtiging verleend voor:

a. het verlenen van vakantie en kort buitengewoon verlof;

b. het verlenen van zwangerschaps-, bevallings-, en ouderschapsverlof;

c. het accorderen van P-Direkt aanvragen;

d. het aangaan en afhandelen van verplichtingen inzake de opleiding van personeel en het accorderen van de desbetreffende betalingen;

e. het accorderen van aanvragen voor dienstreizen en het goedkeuren van reiskostendeclaraties binnen de Europese Unie.

3 In uitzondering op het eerste en tweede lid, geldt het ondermandaat, de volmacht en de machtiging aan de MT-leden van een directie niet voor aangelegenheden op hun werkterrein:

1°. ten aanzien waarvan de directeur in een incidenteel geval mededeling heeft gedaan dat zij door hem zullen worden behandeld, of

2°. die door een MT-lid aan de directeur worden voorgelegd, tenzij zij naar het oordeel van de directeur door de plaatsvervangend directeur of een ander MT-lid moeten worden behandeld.

§ 2 — Taakverdeling tussen de directeur-generaal en de onder hem ressorterende functionarissen

Artikel 5

1 Aan het hoofd Eenheid Strategie, Analyse en Advies wordt ondermandaat, volmacht en machtiging verleend voor aangelegenheden op zijn werkterrein met dien verstande dat het aangaan van financiële verplichtingen een bedrag van € 500.000 per verplichting niet te boven gaat.

2 Aan het hoofd Eenheid Strategie, Analyse en Advies wordt voorts, voor de onder hem ressorterende medewerkers ondermandaat, volmacht en machtiging verleend voor:

a. het verlenen van vakantie en kort buitengewoon verlof;

b. het verlenen van zwangerschaps-, bevallings-, en ouderschapsverlof;

c. het accorderen van P-Direkt aanvragen;

d. het aangaan en afhandelen van verplichtingen inzake de opleiding van personeel en het accorderen van de desbetreffende betalingen;

e. het accorderen van aanvragen voor dienstreizen en het goedkeuren van reiskostendeclaraties binnen en buiten de Europese Unie.

§ 2 — Taakverdeling tussen de directeur-generaal en de onder hem ressorterende functionarissen

Artikel 6

1 Aan de coördinator van het Beleidsanalyse team wordt voor aangelegenheden op het werkterrein van onderzoek, monitoring, effectmeting en beleidsexperimenten, mandaat, volmacht en machtiging verleend met dien verstande dat het aangaan van financiële verplichtingen een bedrag van € 100.000 per verplichting niet te boven gaat.

2 In uitzondering op het eerste lid, geldt het ondermandaat, de volmacht en de machtiging aan de coördinator van het Beleidsanalyse team niet voor aangelegenheden op zijn werkterrein:

1°. ten aanzien waarvan het hoofd Eenheid Strategie, Analyse en Advies in een incidenteel geval mededeling heeft gedaan dat zij door hem zullen worden behandeld, of

2°. die door de coördinator aan het hoofd Eenheid Strategie, Analyse en Advies worden voorgelegd.

§ 2 — Taakverdeling tussen de directeur-generaal en de onder hem ressorterende functionarissen

Artikel 7

Aan de coördinator Economische Zaken en Klimaat bij de Rijksdienst Caribisch Nederland wordt ondermandaat, volmacht en machtiging verleend voor aangelegenheden op zijn werkterrein met dien verstande dat het aangaan van financiële verplichtingen een bedrag van € 20.000 per verplichting niet te boven gaat.

§ 2 — Taakverdeling tussen de directeur-generaal en de onder hem ressorterende functionarissen

Artikel 8

1 Aan de secretaris ATR wordt ondermandaat, volmacht en machtiging verleend voor aangelegenheden op zijn werkterrein met dien verstande dat het aangaan van financiële verplichtingen een bedrag van € 300.000 per verplichting niet te boven gaat.

2 Aan de secretaris ATR wordt tevens voor de aan hem ter beschikking gestelde medewerkers ondermandaat, volmacht en machtiging verleend voor:

a. het verlenen van vakantie en kort buitengewoon verlof;

b. het verlenen van zwangerschaps-, bevallings-, en ouderschapsverlof;

c. het accorderen van P-Direkt aanvragen;

d. het aangaan en afhandelen van verplichtingen inzake de opleiding van personeel en het accorderen van de desbetreffende betalingen;

e. het accorderen van aanvragen voor dienstreizen en het goedkeuren van reiskostendeclaraties binnen en buiten de Europese Unie.

§ 2 — Taakverdeling tussen de directeur-generaal en de onder hem ressorterende functionarissen

Artikel 9

Aan de Commissaris Militaire Productie wordt ondermandaat, volmacht en machtiging verleend op zijn werkterrein, met uitzondering van:

a. door de Tweede Kamer der Staten-Generaal goedgekeurde defensieprojecten die een compensatiewaarde of industriële-participatiewaarde van een bedrag van € 100.000.000 te boven gaan;

b. niet vooraf door de Tweede Kamer der Staten-Generaal goedgekeurde defensieprojecten.

§ 2 — Taakverdeling tussen de directeur-generaal en de onder hem ressorterende functionarissen

Artikel 10

Aan de industriële-participatieadviseurs Militaire Productie wordt, ieder voor zich, ondermandaat, volmacht en machtiging verleend voor aangelegenheden met betrekking tot een in het kader van een compensatieovereenkomst of industriële-participatieovereenkomst ingediende claim die een bedrag van € 2.500.000 niet te boven gaan.

§ 2 — Taakverdeling tussen de directeur-generaal en de onder hem ressorterende functionarissen

Artikel 11

Aan de industriële-participatieadministrateurs Militaire Productie wordt, ieder voor zich, ondermandaat, volmacht en machtiging verleend voor aangelegenheden met betrekking tot een in het kader van een compensatieovereenkomst of industriële-participatieovereenkomst ingediende claim die een bedrag van € 250.000 niet te boven gaan.

§ 2 — Taakverdeling tussen de directeur-generaal en de onder hem ressorterende functionarissen

Artikel 12

Aan de programmamanager Economische Veiligheid en Weerbaarheid wordt mandaat en machtiging verleend voor besluiten en handelingen omtrent vergunningaanvragen op grond van artikel 2, eerste lid, onder a en c, van de Wet beschikbaarheid goederen.

§ 3 — Vervanging

Artikel 13

1 De uit dit besluit voor de directeuren voortvloeiende bevoegdheden gaan in geval van afwezigheid over op hun plaatsvervanger. Bij afwezigheid van zowel de directeur als zijn plaatsvervanger gaan de uit dit besluit voortvloeiende bevoegdheden over op een ander lid van het betrokken managementteam.

2 De uit dit besluit voor de MT-leden voortvloeiende bevoegdheden gaan in geval van afwezigheid over op een ander MT-lid.

§ 4 — Slotbepalingen

Artikel 14

Het Besluit ondermandaat, volmacht en machtiging voor het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat 2019 en het Besluit ondermandaat, volmacht en machtiging aangelegenheden met betrekking tot het BAT worden ingetrokken.

§ 4 — Slotbepalingen

Artikel 15

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 augustus 2025.

§ 4 — Slotbepalingen

Artikel 16

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit ondermandaat, volmacht en machtiging voor het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat 2026.