wetzoeker

1 — Introductie Werkwijze bij concentratiezaken

Introductie

1. Deze werkwijze geeft informatie over hoe de Autoriteit Consument en Markt (hierna: de ACM) meldingen en vergunningsaanvragen behandelt in het kader van het concentratietoezicht. Met deze werkwijze wil de ACM handvatten bieden aan meldende en/of aanvragende partijen (hierna: partijen) en betrokken derden voor de procedure van het beoordelen van een concentratie. De werkwijze bindt de ACM niet. Voor zover nodig kan de ACM afwijken van deze werkwijze.

2. Het wettelijke kader voor het concentratietoezicht is te vinden in de Mededingingswet (hierna: Mw), de Europese Concentratieverordening

1 Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad van 20 januari 2004 betreffende de controle op concentraties van ondernemingen, PbEU, 2004, L24.

en enkele andere wetten, waaronder de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) en de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt (hierna: Iw). Onder een concentratie wordt op grond van artikel 27 Mw verstaan een fusie, overgang van zeggenschap (hierna: overname) of de oprichting van een gemeenschappelijke onderneming die duurzaam alle functies van een zelfstandige eenheid vervult.

2 Een uitzondering geldt voor bepaalde deelnemingen door financiële instellingen en participatiemaatschappijen en de verkrijging van zeggenschap door curatoren en bewindvoerders (artikel 28 Mw). Zie voor een uitleg van deze begrippen Geconsolideerde mededeling van de Commissie over bevoegdheidskwesties op grond van Verordening (EG) nr. 139/2004 betreffende de controle op concentraties van ondernemingen, Pb EU, 2008, C 95, p. 1 (Onderdeel B).

3. Ondernemingen die een concentratie tot stand willen brengen moeten dat voornemen melden bij de ACM wanneer de omzet van de betrokken ondernemingen boven de wettelijke omzetdrempels uitkomt maar niet zo hoog is dat de concentratie op grond van de Europese Concentratieverordening bij de Europese Commissie moet worden gemeld.

4. Partijen moeten een concentratie bij de ACM melden wanneer de betrokken ondernemingen bij elkaar een jaaromzet van meer dan € 150 miljoen hebben én wanneer minstens twee van de betrokken ondernemingen in Nederland ieder een jaaromzet van € 30 miljoen of meer hebben in het voorafgaande kalenderjaar (artikel 29 Mw). Voor pensioenfondsen gelden andere voorwaarden. Hiervoor geldt dat de waarde van de bruto geboekte premies van de betrokken ondernemingen meer dan € 550 miljoen moet bedragen én van dit bedrag minstens twee van de betrokken ondernemingen ieder € 100 miljoen ontvangen van Nederlandse inwoners.

5. De ACM toetst een concentratie in één of twee fases. De meldingsfase is bedoeld als een korte eerste beoordeling van de concentratie. Indien uit deze eerste beoordeling blijkt dat er geen mededingingsproblemen zijn, mag de concentratie doorgaan. Indien de ACM tot de conclusie komt dat meer (diepgaand) onderzoek nodig is, bepaalt zij dat een vergunning voor de concentratie is vereist. In de vergunningsfase is een grondiger onderzoek mogelijk dat duidelijk moet maken of er daadwerkelijk mededingingsproblemen zijn als gevolg van de concentratie of niet.

6. Indien een vergunning is vereist en door partijen is aangevraagd geeft de ACM na afronding van de vergunningsfase een finaal oordeel (behoudens rechtelijke toetsing) in de vorm van een besluit waarin zij de vergunning al dan niet afgeeft en dus beslist of de concentratie wel of niet mag doorgaan. De ACM beoordeelt of de concentratie de daadwerkelijke mededinging op de Nederlandse markt of een deel daarvan op significante wijze zal belemmeren. Zie artikel 37 Mw (meldingsfase) en artikel 41 Mw (vergunningsfase).

7. Partijen mogen de concentratie pas tot stand brengen nadat de ACM op grond van de melding heeft besloten dat voor de concentratie geen vergunning is vereist of wanneer de ACM, na een vergunningsaanvraag, een vergunning heeft afgegeven. Partijen mogen op grond van artikel 34, eerste lid Mw de concentratie tot stand brengen wanneer de wachttermijn is verlopen. Zie daarover ook randnummer 36. Ook in het geval van een openbaar overname- of ruilaanbod mag de concentratie onder voorwaarden tot stand worden gebracht. Zie hierover randnummer 34.

8. Hierna beschrijft de ACM haar werkwijze in de verschillende fases van het concentratietoezicht. In hoofdstuk 2, 3, 4 bespreekt de ACM de gang van zaken voorafgaand aan een melding. In hoofdstuk 5 beschrijft de ACM de communicatie met partijen in de meldingsfase en de vergunningsfase. In hoofdstuk 6 komt de rol van derden in deze fases aan de orde. In hoofdstuk 7 beschrijft de ACM de werkwijze ten aanzien van vertrouwelijkheid, terinzagelegging en openbaarheid van gegevens en de rol van partijen en derden daarin. In hoofdstukken 8 en 9 komen respectievelijk het verkort afdoen van besluiten en het communicatiebeleid ten behoeve van het concentratietoezicht aan de orde. Tot slot beschrijft de ACM in hoofdstuk 10 de samenwerking met andere (Europese) mededingingsautoriteiten en andere toezichthouders in het concentratietoezicht. In hoofdstuk 11 volgen de slotbepalingen.

Regeling
Werkwijze bij concentratiezaken
Soort
ZBO-regeling
Geldend vanaf
26-08-2026
BWB-id
BWBR0053054
Versie
2026-08-26_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl