wetzoeker

Artikel 4 Tijdelijke regeling specifieke uitkering woningbouw en mobiliteit

1 Het uitkeringsplafond voor specifieke uitkeringen als bedoeld in artikel 3 in het kalenderjaar 2026 bedraagt € 1.460.844.370.

2 De minister kan op grond van deze regeling ook na het kalenderjaar 2026 een specifieke uitkering verlenen indien hij daarvoor een uitkeringsplafond heeft vastgesteld en de periode voor indiening van de aanvraag, bedoeld in artikel 7, derde lid, onderdeel b of onderdeel c, heeft opengesteld. De minister maakt het uitkeringsplafond en het openstellen van de aanvraagperiode bekend in de Staatscourant.

3 De verdeling van de beschikbare middelen in een begrotingsjaar vindt plaats overeenkomstig de afspraken die hierover zijn gemaakt in het kader van een bestuurlijk overleg.

4 De minister kan, indien er middelen vrijvallen die zijn verleend voor een specifieke uitkering op grond van deze regeling, die middelen verdelen overeenkomstig artikel 15.

5 De bedragen, bedoeld in het eerste en tweede lid, zijn inclusief compensabele btw.

Regeling
Tijdelijke regeling specifieke uitkering woningbouw en mobiliteit
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-07-2026
BWB-id
BWBR0052750
Versie
2026-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl