wetzoeker

4.10 — Teruggaafregeling religieuze en non-profitinstellingen bij ontbreken eindfactuur Besluit belastingen op milieugrondslag

Teruggaafregeling religieuze en non-profitinstellingen bij ontbreken eindfactuur

Artikel 69 van de Wet bevat een teruggaafregeling in de energiebelasting voor religieuze en non-profitinstellingen. Onder voorwaarden komen deze instellingen in aanmerking voor een teruggaaf van 50% van de betaalde energiebelasting die door de energieleverancier in rekening is gebracht met betrekking tot het aardgas dat en/of de elektriciteit die is geleverd. Op grond van artikel 26, tweede lid, van het Besluit is één van deze voorwaarden het overleggen van een eindfactuur.

Sinds 1 januari 2024 is de definitie van het begrip ‘eindfactuur’ uit artikel 47, eerste lid, onderdeel e, van de Wet gewijzigd, waardoor sommige religieuze en non-profitinstellingen geen succesvol beroep meer kunnen doen op de onderhavige teruggaafregeling.

In de praktijk ontvangt namelijk niet iedere religieuze en non-profitinstelling een eindfactuur van hun energieleverancier die voldoet aan het gewijzigd eindfactuurbegrip. De verplichting tot het opmaken van een eindfactuur die voldoet aan het gewijzigd eindfactuurbegrip geldt alleen voor afnemers waarbij een voorschot in rekening wordt gebracht door de energieleverancier. Hierbij gaat het veelal om afnemers met een kleinverbruikersaansluiting.

Sommige religieuze en non-profitinstellingen hebben geen kleinverbruikersaansluiting, maar een grootverbruikersaansluiting. Bij afnemers met een grootverbruikersaansluiting wordt vaak maandelijks het daadwerkelijk verbruik afgerekend. In deze situaties maakt de energieleverancier geen eindfactuur op, omdat daarvoor geen wettelijke verplichting geldt. Religieuze en non-profitinstellingen met een grootverbruikaansluiting kunnen daardoor vaak geen eindfactuur overleggen.

Goedkeuring

Ik keur daarom op grond van artikel 63 AWR (hardheidsclausule) goed dat religieuze en non-profitinstellingen die geen eindfacturen kunnen overleggen, in plaats daarvan alle maandfacturen overleggen die betrekking hebben op de verbruiksperiode van twaalf maanden waarop het teruggaafverzoek ziet. Hiermee wordt de bedoeling van de wetgever gewaarborgd dat deze instellingen uitsluitend één keer per verbruiksperiode van twaalf maanden – in de meeste gevallen één kalenderjaar – een teruggaveverzoek indienen.

Regeling
Besluit belastingen op milieugrondslag
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
27-06-2026
BWB-id
BWBR0052738
Versie
2026-06-27_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl