wetzoeker

Artikel 8 Regeling veiligheid Joodse instellingen 2026–2030

Verantwoording en subsidievaststelling

1 Indien de verleende subsidie minder dan € 25.000 bedraagt, wordt deze op 1 april volgend op het kalenderjaar waarvoor de subsidie is verleend, ambtshalve vastgesteld.

2 Indien de subsidie minder dan € 25.000 bedraagt, toont de Joodse instelling, de Joodse school of de organisator van een Joods evenement desgevraagd uiterlijk op 1 februari van het jaar volgend op het kalenderjaar waarvoor de subsidie is verleend, aan dat de voor subsidie in aanmerking komende activiteiten zijn verricht en dat is voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen.

3 Indien de verleende subsidie € 25.000 of meer bedraagt, wordt een aanvraag tot subsidievaststelling uiterlijk op 1 april van het jaar volgend op het kalenderjaar waarvoor de subsidie is verleend, met gebruikmaking van het daartoe beschikbaar gestelde formulier, ingediend bij de minister. De minister stelt de subsidie vast binnen 22 weken na ontvangst van de aanvraag, dan wel binnen 22 weken nadat de termijn voor het indienen van de aanvraag tot vaststelling is verstreken.

4 De aanvraag tot subsidievaststelling bevat:

a. indien de subsidie tussen de € 25.000 en € 125.000 bedraagt, een verantwoording middels een financieel verslag en een activiteitenverslag waaruit blijkt dat de voor subsidie in aanmerking komende gemaakte activiteiten zijn verricht en dat is voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen;

b. indien de subsidie € 125.000 of meer bedraagt, een verantwoording middels een financieel verslag, een activiteitenverslag en een controleverklaring door een accountant waaruit blijkt dat de voor subsidie in aanmerking komende gemaakte activiteiten zijn verricht en dat is voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen.

Regeling
Regeling veiligheid Joodse instellingen 2026–2030
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
09-09-2026
BWB-id
BWBR0052725
Versie
2026-09-09_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl