wetzoeker

Aanwijzing 4 Vaststellingsregeling Aanwijzingen externe contacten rijksambtenaren

1. Een verzoek van een Kamerlid om toezending van feitelijke informatie of het leggen van contact met een ambtenaar wordt behandeld door de daartoe door de minister aangewezen parlementair contactpersoon.

2. De parlementair contactpersoon faciliteert het directe contact tussen Kamerleden en ambtenaren.

Toelichting:

1. Verzoeken van Kamerleden om feitelijke informatie kunnen fysiek, digitaal of telefonisch worden gesteld aan de daartoe door de minister aangewezen parlementair contactpersoon.

6 Het gaat hierbij niet om schriftelijke vragen zoals bedoeld in artikel 12.1 van het Reglement van Orde van de Tweede Kamer of artikel 105 van het Reglement van Orde van de Eerste Kamer.

Deze behandelt de verzoeken welwillend en zakelijk. Dit betekent dat verzoeken in beginsel worden gehonoreerd, tenzij het redelijke vermoeden bestaat dat het informatieverzoek niet louter gericht is op het verkrijgen van feitelijke informatie zoals bedoeld in aanwijzing 5.

7 Een voorbeeld van een type verzoek dat door de minister kan worden geweigerd, ziet op contacten van Kamerleden met ambtenaren in hun hoedanigheid van lid van een ondernemingsraad, omdat een ondernemingsraad geldt als een intern orgaan met een specifieke functie.

De parlementair contactpersoon verstrekt de feitelijke informatie direct aan het Kamerlid, dan wel vraagt de informatie op bij de ter zake deskundige ambtenaar en geeft de informatie dan alsnog. Indien een verzoek bij een andere ambtenaar dan de parlementair contactpersoon binnenkomt, geleidt deze het verzoek door naar de parlementair contactpersoon.

Het past binnen de ministeriële verantwoordelijkheid dat de minister en de parlementair contactpersoon werkafspraken maken, zodat de parlementair contactpersoon in de meeste gevallen binnen zijn functie-uitoefening de ruimte heeft om direct te beslissen over verzoeken van Kamerleden. In sommige gevallen kan de parlementair contactpersoon een verzoek om contact of informatie dan alsnog voorleggen aan de minister, bijvoorbeeld omdat naar aanleiding van een verzoek van een individueel Kamerlid de vraag voorligt of het niet beter is om de gehele Kamer te informeren.

De parlementair contactpersoon heeft een optimaal overzicht van de ambtelijke organisatie en kan op die manier de juiste ambtenaar en informatie koppelen aan een Kamerlid. Daarnaast heeft een parlementair contactpersoon oog voor het gelijkelijk informeren van de gehele Kamer(commissie). Zo kan het bijvoorbeeld voorkomen dat de parlementair contactpersoon ervoor zorgt dat relevante verstrekte informatie ook in een brief wordt opgenomen zodat ook andere Kamerleden beschikken over deze informatie.

2. In de meeste gevallen wordt door Kamerleden of ambtenaren aan de parlementair contactpersoon verzocht om het uiteindelijke contact tussen hen te faciliteren. Het is niet noodzakelijk dat de parlementair contactpersoon ook aanwezig is bij het uiteindelijke contactmoment tussen de ambtenaren en Kamerleden. Dit verschilt per type contactmogelijkheid en concrete situatie. Het uiteindelijke contact kan op verschillende wijzen plaatsvinden, zowel fysiek, digitaal als telefonisch.

Ook kan de parlementair contactpersoon zelf het initiatief nemen tot contact met Kamerleden, al dan niet op verzoek van andere ambtenaren. Het kan immers behulpzaam zijn om de ‘vraag achter de vraag’ beter te begrijpen, bijvoorbeeld bij de beantwoording van schriftelijke vragen en het geven van opvolging aan moties of toezeggingen. Daarnaast kunnen op initiatief van ambtenaren bijpraat- en kennissessies georganiseerd worden.

Regeling
Vaststellingsregeling Aanwijzingen externe contacten rijksambtenaren
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
18-04-2026
BWB-id
BWBR0052548
Versie
2026-04-18_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl