wetzoeker

Aanwijzing 3 Vaststellingsregeling Aanwijzingen externe contacten rijksambtenaren

De minister is verantwoordelijk voor de informatievoorziening aan de leden van beide Kamers der Staten-Generaal, met inbegrip van het contact tussen Kamerleden en de onder zijn verantwoordelijkheid ressorterende ambtenaren.

Toelichting:

De minister is degene die in het Nederlandse staatsbestel aan de Staten-Generaal inlichtingen verstrekt en verantwoording aflegt over het gevoerde beleid (op grond van de artikelen 42, tweede lid, en 68 van de Grondwet). Dit laat de mogelijkheid onverlet dat er rechtstreekse contacten zijn tussen de beide Kamers der Staten-Generaal en ambtenaren. Ten aanzien van het optreden van een ambtenaar geldt in eventuele contacten met de Staten-Generaal, dat waar deze plaatsvinden in het kader van de functievervulling door de ambtenaar, de betrokkene handelt onder volledige ministeriële verantwoordelijkheid: de verantwoordelijkheid voor deze contacten berust bij de minister onder wie de ambtenaren ressorteren. Dat brengt mee dat de betrokken minister kan beslissen over contacten van een ambtenaar met de Staten-Generaal in het kader van diens functievervulling. Artikel 7.34 van het Reglement van Orde van de Tweede Kamer sluit daarbij aan voor het geval een Kamercommissie ambtenaren wil horen tijdens een formele activiteit van de Kamer.

Kamerleden of hun medewerkers kunnen daarnaast ook verzoeken om informeel in contact te treden met ambtenaren om gebruik te kunnen maken van hun kennis en expertise. Ook deze contacten vallen onder de ministeriële verantwoordelijkheid. Het past binnen de ministeriële verantwoordelijkheid dat de minister binnen zijn departement afspraken maakt over hoe de minister beslist over dergelijke contacten. Zo is het mogelijk dat wordt afgesproken dat hiervoor door de betrokken minister niet steeds in een concreet geval expliciet toestemming dient te worden verleend. Het komt vaker voor dat de parlementair contactpersoon al dan niet expliciet hiertoe het mandaat heeft gekregen.

4 De rol van de parlementair contactpersoon wordt nader beschreven onder aanwijzing 4.

Uit de ministeriële verantwoordelijkheid vloeit ook voort dat de minister – indien hij dit wenst – de omstandigheden en voorwaarden waaronder het contact tussen Kamerleden en ambtenaren plaatsvindt kan bepalen. Denk bijvoorbeeld aan de plaats, de verslaglegging van het overleg of de aard van de informatieverschaffing.

5 Dit vloeit ook voort uit het Protocol van afspraken over onderzoeken Tweede Kamer, die specifiek gaat over onderzoeken van de Tweede Kamer waarbij inlichtingen van ministers en staatssecretarissen worden gevraagd.

Regeling
Vaststellingsregeling Aanwijzingen externe contacten rijksambtenaren
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
18-04-2026
BWB-id
BWBR0052548
Versie
2026-04-18_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl