wetzoeker

Algemene toelichting Vaststellingsregeling Aanwijzingen externe contacten rijksambtenaren

Met deze aanpassing van de Aanwijzingen wordt uitvoering gegeven aan de toezegging die in de kabinetsreactie op het rapport ‘Grip op informatie’ van 10 januari 2025 is gedaan door de Minister van BZK dat bij een volgende herziening in de Aanwijzingen zal worden verduidelijkt dat rijksambtenaren ook op eigen initiatief, via de parlementair contactpersoon, contact kunnen opnemen met Kamerleden.

1 Kamerstukken II 2024/25, 28 362, nr. 72.

Deze verduidelijking is nu opgenomen in de toelichting bij de nieuwe aanwijzing 4, tweede lid. Daarnaast is in het debat van 23 januari 2025 over werk- en informatieafspraken met de vaste Kamercommissie voor Binnenlandse Zaken door een aantal Kamerleden naar voren gebracht dat er nog ruimte voor verbetering is in de mogelijkheden voor direct contact tussen rijksambtenaren en Kamerleden. De regering is het daarmee eens en ziet daarbij vooral ruimte binnen de bestaande kaders, zoals ook in de brief van 19 februari 2025 is benadrukt.

2 Kamerstukken II 2024/25, 28 362, nr. 74.

Verder is van deze gelegenheid gebruikgemaakt om een aantal teksten van de paragrafen 1 en 2 van de Aanwijzingen te herformuleren. Hierin is een aantal elementen uit de staande praktijk opgenomen en is geprobeerd om meer duidelijkheid te verschaffen in de betekenis van bestaande aanwijzingen en de teksten toegankelijker te formuleren. De nadruk ligt daarbij op wat wél kan.

In het kader van bovengenoemde actualisatie is verduidelijkt dat de bewindspersoon vanuit de ministeriële verantwoordelijkheid afspraken kan maken om in de meeste gevallen verzoeken om informatie of contact zelfstandig af te laten doen door de parlementair contactpersoon, in plaats van dat de bewindspersoon in elk concreet geval expliciet toestemming dient te verlenen. Verder is verduidelijkt dat een parlementair contactpersoon weliswaar het contact tussen rijksambtenaren en Kamerleden faciliteert, maar dat het niet noodzakelijk is dat hij vervolgens ook bij het uiteindelijke contactmoment aanwezig is. Daarnaast zijn de definities van ‘feitelijke informatie’ en ‘persoonlijke beleidsopvattingen’ nader beschreven en is op sommige plaatsen de volgorde van aanwijzingen aangepast en zijn twee aanwijzingen samengevoegd. Ook is verduidelijkt dat een verzoek om informatie of contact zowel op initiatief van een Kamerlid als op initiatief van een medewerker of bestuurder van een zelfstandig bestuursorgaan gedaan kan worden, zonder tussenkomst van de betrokken bewindspersoon. Het is daarbij wel wenselijk dat de betrokken bewindspersoon ten tijde van het verzoek over het verzoek wordt geïnformeerd. Bovendien is opgenomen dat met inwerkingtreding van de Wet regels integriteit en vervolgfuncties bewindspersonen een verbod geldt voor oud-bewindspersonen om binnen 2 jaar na ontslag zakelijk contact te hebben met de ambtenaren van zijn vorige ministerie of met ambtenaren op een ander ministerie voor zover sprake is van aanpalende beleidsterreinen.

3 Het wetsvoorstel is reeds in beide Kamers der Staten-Generaal aangenomen, maar treedt pas medio 2026 in werking.

Daar dienen ambtenaren zich in het contact met derden rekenschap van te geven.

Regeling
Vaststellingsregeling Aanwijzingen externe contacten rijksambtenaren
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
18-04-2026
BWB-id
BWBR0052548
Versie
2026-04-18_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl