wetzoeker

Artikel 2.1 Voorwaarde sub d Aanbieding activiteit voor een tarief ten minste integrale kostprijs, dan wel marktconform tarief Regeling onderwijsaccountantsprotocol OCW 2025

Omdat de activiteiten nog niet daadwerkelijk plaatsvinden kan de accountant alleen de uitgangspunten in de business case beoordelen. De accountant stelt dus wel vast of de voorziene private activiteit tegen een integrale kostprijs aangeboden gaat worden waarbij alle relevante kostenonderdelen zijn meegenomen, of bij keuze voor marktconforme tarieven de onderbouwing hiervoor afdoende is op basis van de huidige informatie. Feitelijk gaat het hier om een voorcalculatie. De accountant zal de kwaliteit en onderbouwing in de business case moeten beoordelen om tot een conclusie te kunnen komen in hoeverre aan voorwaarde 2.1 sub c is voldaan. De daadwerkelijke toepassing van voorwaarde 2.1 sub d kan pas getoetst worden vanaf aanvang activiteiten.

Toepassing foutenevaluatie jaar t+1 (of later)

Indien een investering in materiele vaste activa in een eerder jaar is opgenomen in de foutenevaluatie en gemeld is in een verslag van bevindingen of tot uitdrukking is gekomen in de strekking van de controleverklaring, dan is dit op basis van de business case (beheerhandeling).

Bij daadwerkelijke uitvoering van de private activiteiten (andere beheerhandeling) zal opnieuw gecontroleerd moeten worden of de voorwaarden van de beleidsregel zijn nageleefd. Dat betekent dat afhankelijk van de uitkomst van die controle opnieuw foutenevaluatie wordt toegepast.

Regeling
Regeling onderwijsaccountantsprotocol OCW 2025
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
26-03-2026
BWB-id
BWBR0052457
Versie
2026-03-26_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl