wetzoeker

Voorschrift 2 Windpark en bandbreedten Kavelbesluit V windenergiegebied Hollandse Kust (noord)

1. Het windpark wordt geplaatst binnen de contour met de volgende coördinaten:

UTM coördinaten (EPSG 25831)

Punt | Oostelijk | Noordelijk

S_01 | 586261,3 | 5849008,4

S_02 | 586565,5 | 5849004,8

S_03 | 586869,3 | 5849021,2

S_04 | 587171,3 | 5849057,4

S_05 | 587470,3 | 5849113,4

S_06 | 587764,9 | 5849188,9

S_07 | 588054,0 | 5849283,6

S_08 | 588336,3 | 5849397,1

S_09 | 588664,2 | 5849557,3

S_10 | 591846,7 | 5844809,2

WFZ_10 | 591841,5 | 5844754,0

WFZ_11 | 591780,8 | 5843758,8

WFZ_12 | 591768,5 | 5842720,7

WFZ_13 | 591770,2 | 5842586,6

WFZ_14 | 591776,6 | 5842300,0

WFZ_15 | 591785,7 | 5842028,4

WFZ_16 | 591794,6 | 5841826,7

WFZ_17 | 591812,1 | 5841503,1

WFZ_18 | 591828,6 | 5841283,3

S_11 | 591816,9 | 5841132,6

S_12 | 591406,8 | 5840673,5

S_13 | 589144,7 | 5839468,5

S_14 | 588576,8 | 5839685,5

S_15 | 588352,6 | 5840106,4

S_16 | 587607,0 | 5840248,8

S_17 | 587151,6 | 5840006,2

S_18 | 586829,0 | 5839414,7

S_19 | 587298,2 | 5838533,8

S_20 | 585998,0 | 5837944,0

S_21 | 587651,1 | 5834988,4

S_22 | 586973,5 | 5834559,4

S_23 | 586993,9 | 5834035,5

S_24 | 586430,2 | 5834028,7

S_25 | 583893,5 | 5833768,8

S_26 | 582705,2 | 5833582,7

S_27 | 580117,3 | 5833266,0

S_28 | 577231,0 | 5833001,2

S_29 | 580254,0 | 5840662,8

WFZ_86 | 581708,5 | 5842683,4

De kaart met de ligging van kavel V is opgenomen in de bijlage bij deze voorschriften.

2. Het tracé van de aansluitverbinding naar het TenneT platform Hollandse Kust (noord) ligt binnen de volgende coördinaten:

UTM coördinaten (EPSG 25831)

Punt | Oostelijk | Noordelijk

CE_01 | 583297,5 | 5836062,2

CE_02 | 584169,3 | 5837669,5

MZ_18 | 585162,3 | 5837551,1

S_20 | 585998,0 | 5837944,0

CE_03 | 585392,5 | 5839069,3

CE_04 | 586275,1 | 5839539,4

MZ_15 | 586912,4 | 5838358,8

S_19 | 587298,2 | 5838533,8

S_18 | 586829,0 | 5839414,7

S_17 | 587151,6 | 5840006,2

S_16 | 587607,0 | 5840248,8

S_15 | 588352,6 | 5840106,4

S_14 | 588576,8 | 5839685,5

CE_05 | 587621,8 | 5839890,2

TOS_01 | 587410,1 | 5839436,2

CE_06 | 587411,2 | 5839353,2

CE_07 | 588009,3 | 5838660,7

MZ_19 | 587230,7 | 5835748,5

MZ_20 | 587017,6 | 5835622,2

MZ_21 | 585375,5 | 5835815,3

MZ_25 | 584290,5 | 5835944,0

De kaart met de ligging van het tracé is opgenomen in de bijlage bij deze voorschriften.

3. Er worden geen windturbines geplaatst in de onderhoudszones van de telecomkabels TAT 14 Segment J en UK-NL 14. Er worden geen turbines geplaatst in de in de onderhoudszones van de pijpleidingen Gaspijpleiding Wintershall Q4B-Q4A en Oliepijpleiding Petrogas E&P Q1 Helm-IJmuiden. Deze zones worden begrensd door de coördinaten in onderstaande tabel en die ook zijn weergegeven op de kaart in de bijlage bij deze voorschriften.

UTM coördinaten (EPSG 25831)

Punt | Oostelijk | Noordelijk

MZ_01 | 585920,4 | 5848534,7

MZ_02 | 588276,8 | 5841708,2

MZ_03 | 588304,1 | 5841554,1

MZ_04 | 588282,4 | 5841399,2

MZ_05 | 588214,0 | 5841258,5

MZ_06 | 588105,4 | 5841145,9

MZ_07 | 587967,3 | 5841072,4

MZ_08 | 587813,3 | 5841045,1

MZ_09 | 587658,3 | 5841066,8

MZ_10 | 587517,7 | 5841135,2

MZ_11 | 587405,1 | 5841243,8

MZ_12 | 587331,5 | 5841381,9

MZ_13 | 585205,4 | 5847541,4

MZ_14 | 583348,5 | 5844961,7

MZ_15 | 586912,4 | 5838358,8

S_20 | 585998,0 | 5837944,0

MZ_16 | 582699,0 | 5844059,5

MZ_17 | 579301,9 | 5838249,8

MZ_18 | 585162,3 | 5837551,1

S_20 | 585998,0 | 5837944,0

MZ_19 | 587230,7 | 5835748,5

MZ_20 | 587017,6 | 5835622,2

MZ_21 | 585375,5 | 5835815,3

MZ_22 | 584602,7 | 5834504,7

S_26 | 582705,2 | 5833582,7

S_27 | 580117,3 | 5833266,0

MZ_23 | 580331,4 | 5833541,0

MZ_24 | 583894,5 | 5835272,4

MZ_25 | 584290,5 | 5835944,0

MZ_26 | 578656,7 | 5836614,6

4. De rotorbladen van de windturbines blijven volledig binnen de in het eerste lid genoemde contour en volledig buiten de in het derde lid genoemde onderhoudszones.

5. Het maximale aantal op te richten windturbines is 95.

6. Het maximale totale rotoroppervlak is 2.913.840 m2.

7. In het windpark worden uitsluitend turbines met, per turbine, een geïnstalleerd vermogen van minimaal 8 MW geplaatst.

8. De minimale afstand tussen windturbines bedraagt 4 maal de rotordiameter uitgedrukt in meters.

9. De minimale tiplaagte is 25 meter boven zeeniveau (MSL).

10. De maximale tiphoogte is 251 meter boven zeeniveau (MSL).

11. De kabels vanaf de windturbines moeten aangesloten worden op platform Hollandse Kust (noord).

12. De toegestane funderingen voor de windturbines zijn:

a. monopile;

b. tripod;

c. jacket;

d. gravity based;

e. suction bucket.

Indien de vergunninghouder een fundering wil toepassen die niet in dit lid is genoemd zal hij de milieueffecten hiervan moeten bepalen. De milieueffecten worden voorgelegd aan de Minister van Economische Zaken en Klimaat. De milieueffecten mogen de grenzen die in dit besluit zijn vastgelegd niet overschrijden.

13. Als opofferingsanodes gebruikt worden als kathodische bescherming van stalen constructies, bestaan deze uit legeringen van aluminium of magnesium. De legeringen mogen kleine hoeveelheden(< 5 gewicht %) andere metalen bevatten.

14. De schepen die door of namens de vergunninghouder worden ingezet, moeten bij hun vaarbewegingen rekening houden met de aanwezigheid van zeehonden op de aanwezige platen en de aangewezen rustgebieden alsmede rekening te houden met aanwezige vogelconcentraties. Hierbij dienen de maatregelen zoals genoemd in het Beheerplan Voordelta, het Beheerplan Deltawateren, het Beheerplan Waddenzee en het Beheerplan Noordzeekustzone in acht te worden genomen. De bepalingen uit de betreffende) Beheerplannen zijn opgenomen in de bijlage bij deze voorschriften. Dit voorschrift vervalt op het moment dat in het Beheerplan Voordelta, het Beheerplan Deltawateren, het Beheerplan Waddenzee en het Beheerplan Noordzeekustzone de schepen zoals bedoeld in de eerste volzin zijn opgenomen als bestaand gebruik.

15. De overheid hecht er belang aan dat het windpark een bijdrage levert aan de lokale en regionale economie. De vergunninghouder verstrekt jaarlijks inzicht in de aan lokale en regionale ondernemingen gegunde opdrachten voor ontwerp, bouw en exploitatie van het windpark uitgesplitst naar toeleveranciers, havens, (onder)aannemers en ondersteunende dienstverleners en de daaruit voortvloeiende omzet en werkgelegenheid. De eerste rapportage wordt uiterlijk binnen twee jaar na de datum van afgifte van de vergunning overgelegd aan de Minister van Economische Zaken en Klimaat. Voor het laatst vindt overlegging plaats acht jaar na de datum van afgifte van de vergunning

16. Tijdens reparaties en onderhoud van kabels en leidingen moet het aantal rotaties per minuut per windturbine van de windturbines, die zich in een straal van 1.000 meter van de reparatie- en onderhoudslocatie bevinden, tot minder dan 2 worden gebracht.

Regeling
Kavelbesluit V windenergiegebied Hollandse Kust (noord)
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
17-07-2026
BWB-id
BWBR0052410
Versie
2026-07-17_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl