wetzoeker

4.7 — Omvang van de subsidie Subsidieprogramma DHI 2026–2030

Omvang van de subsidie

De subsidie bedraagt per aanvraag ten hoogste 50% van de subsidiabele kosten tot een maximum van:

– € 200.000 voor demonstratieprojecten;

– € 100.000 voor haalbaarheidsstudies;

– € 100.000 voor investeringsvoorbereidingsprojecten.

– € 25.000 voor marktvalidaties van startups

In het geval van projecten, met uitzondering van marktvalidatie van startups, die positief uit de toets voor groene projecten komen geldt een subsidiepercentage van ten hoogste 70% van de subsidiabele kosten, tot bovengenoemde maximale bedragen. Deze toets wordt verricht aan de hand van het Toetsingskader groene projecten opgenomen in Annex 2 bij deze beleidsregels.

Positief betekent dat de kernactiviteit bijdraagt aan één of meer van de in het Toetsingskader genoemde categorieën van vergroeningsdoelen en een substantiële bijdrage levert aan de betreffende vergroeningsdoelen, zonder daarbij – en goed onderbouwd – schade te berokkenen aan de andere categorieën.

Met kernactiviteit wordt bedoeld: de specifieke technologie die centraal staat in de aanvraag. Met de subsidie wordt een onderneming geholpen om een ‘technologie’ op een nieuwe markt te brengen. Die technologie, of de directe uitwerking ervan, moet vergroenend zijn, ten einde in aanmerking te kunnen komen voor het hogere subsidiepercentage en moet bijdragen aan de transitie naar een groeninclusieve toekomstbestendige economie.

Met substantieel wordt hier bedoeld: de bijdrage aan de vergroening moet centraal staan (of op z’n minst een grote rol spelen) bij de implementatie van de betreffende technologie, en mag niet slechts een beperkt neveneffect (bijvangst) zijn.

DHI-subsidies worden verstrekt onder de toepassing van de De-minimisverordening. Hiervoor geldt een maximaal drempelbedrag van € 300.000 voor 3 jaren per onderneming, waarbij een groep van ondernemingen gezien wordt als één onderneming. Vanaf 1 januari 2026 wordt de de-minimissteun in een verplicht (Europees) register opgenomen

7 https://webgate.ec.europa.eu/competition/transparency/public

. De de-minimisverklaring blijft wel als aanvraagvereiste gelden.

Het deel van de totale subsidiabele kosten waarvoor geen subsidie wordt verstrekt moet door de aanvrager zelf worden gefinancierd, dit wordt ook wel de eigen bijdrage genoemd. Deze mag niet worden gefinancierd met middelen die verkregen zijn door middel van een directe of indirecte subsidie of bijdrage ten laste van de begroting van het Ministerie van Buitenlandse Zaken inclusief de begroting voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp.

Een financiële bijdrage van derden (bijvoorbeeld van de buitenlandse klant of van een overheidspartij) in de kosten van het project leidt tot een even zo grote verlaging van het subsidiebedrag.

Regeling
Subsidieprogramma DHI 2026–2030
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
27-02-2026
BWB-id
BWBR0052361
Versie
2026-02-27_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl