wetzoeker

Artikel 2.8 Systeemcode elektriciteit 2026

Voorwaarden voor alle aansluitingen

1 Elektrische installaties en de daarop aangesloten toestellen veroorzaken via het systeem van de systeembeheerder geen ontoelaatbare hinder.

2 De systeembeheerder kan de aangeslotene verzoeken tot het treffen van zodanige voorzieningen dat de ontoelaatbare hinder ophoudt, dan wel voor een door hem te bepalen aantal uren de aangeslotene verbieden om door hem aan te wijzen toestellen en motoren te gebruiken.

3 In afwijking van het tweede lid, past de transmissiesysteembeheerder centrale filtering toe wanneer de verantwoordelijkheid voor het treffen van de voorzieningen niet eenduidig kan worden toegewezen aan de aangeslotene of aan de transmissiesysteembeheerder, mits de ontoelaatbare hinder veroorzaakt wordt door spanningsverschijnselen als gevolg van de interactie van een wisselstroomkabel langer dan 5 km, deel uitmakend van de aansluiting of de installatie van een aangeslotene, en de systeemconfiguratie ter plaatse.

Regeling
Systeemcode elektriciteit 2026
Soort
ZBO-regeling
Geldend vanaf
09-07-2026
BWB-id
BWBR0052336
Versie
2026-07-09_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl