wetzoeker

3.17 — Afrekenmoment ter beschikking gesteld pand na turboverdeling Besluit ROW 2026

Afrekenmoment ter beschikking gesteld pand na turboverdeling

Op grond van artikel 3.92, vierde lid, Wet IB 2001 wordt een ter beschikking gesteld vermogensbestanddeel voor de helft toegerekend aan de echtgenoot van de belastingplichtige, mits het vermogensbestanddeel deel uitmaakt van een algehele of beperkte gemeenschap van goederen.

Er heeft zich in de praktijk de volgende situatie voorgedaan. Twee echtgenoten, X en Y, waren in gemeenschap van goederen gehuwd. Tot de huwelijksgoederengemeenschap behoorden zowel alle aandelen in een vennootschap als een pand dat aan betreffende vennootschap wordt verhuurd. Op grond van artikel 3.92 Wet IB 2001 kwalificeert het pand als een terbeschikkingstellingspand. Na het overlijden van X wordt zijn aandeel in het tbs‑pand gelegateerd aan zijn kind. Daarnaast verkrijgt het kind krachtens testament ook het aandeel van X in de aandelen van de BV. Bij de verdeling van de huwelijksgemeenschap zijn het tbs-pand en alle aandelen toebedeeld aan de nalatenschap waardoor een overbedelingsschuld ontstaat aan Y. Kind verkrijgt alle aandelen en het gehele tbs-pand krachtens legaat. Er is sprake van een zogenoemde turboverdeling.

Voor de overgang van het aandeel van Y in het tbs-pand aan het kind middels turboverdeling ontbreekt een wettelijke doorschuiffaciliteit. Ik vind het onwenselijk dat in een dergelijk geval dient te worden afgerekend op het aandeel van Y in het TBS-pand. Hoewel het tbs-pand op zichzelf geen ondernemingsvermogen is, hangt het nauw samen met het voortzetten van de onderneming in vennootschap, omdat in het tbs-pand de onderneming wordt gedreven. Een fiscale afrekening over het aandeel van Y in het tbs-pand kan als een economische belemmering worden ervaren.

Om een afrekenmoment over het deel van de stille reserves in het tbs-pand dat door middel van een turboverdeling door Y toekomt aan kind te voorkomen, keur ik met toepassing van artikel 63 van de AWR (hardheidsclausule) goed dat er fiscaal niet hoeft te worden afgerekend. Voor deze goedkeuring gelden de voorwaarden dat de onderneming wordt voortgezet door de vennootschap van het kind en de fiscale boekwaarde van het pand wordt doorgeschoven op de werkzaamheidsbalans van het kind.

Regeling
Besluit ROW 2026
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
29-01-2026
BWB-id
BWBR0052230
Versie
2026-01-29_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl