5.1 — Inleiding en algemene uitgangspunten Besluit tot vaststelling van de Regulatorische accountingregels (RAR) warmteleveranciers 2024
Inleiding en algemene uitgangspunten
75. De systematiek voor kostentoerekening uit de RAR 2023 is naar aanleiding van de rendementsmonitor en rendementstoets 2023 aangescherpt in het document ‘Kostentoerekening warmte versie 1.0 d.d. 11 april 2025’ (hierna: KTR 1.0). Royal Haskoning DHV heeft op KTR 1.0 een toets uitgevoerd die op 18 april 2025 door de ACM is gepubliceerd
10 Zie kostentoerekening in de RAR warmte, publicatie van 18 april 2025
. De in deze RAR opgenomen verdeelsystematiek is een doorontwikkeling van KTR 1.0. De doorontwikkeling betreft een verfijning in de toerekening van:
• productie en inkoop als een warmteleverancier non-firm contracten heeft;
• ontwikkeling van nieuwe netten toe te rekenen aan gereguleerd en ongereguleerd; en
• toerekening kostendekkingsbijdrage: bij projectontwikkelaar onder voorwaarden benodigde netcapaciteit.
76. Onder het begrip kostentoerekening valt de toerekening van kosten, opbrengsten, activa en passiva.
77. De kostentoerekening bevat twee stappen:
• Stap 1: toerekening aan activiteiten;
• Stap 2: per activiteit een toerekening naar gereguleerd/ongereguleerd.
Bijlage 1 bevat een schematische weergave van de kostentoerekening.
78. Kosten, opbrengsten, activa en passiva dienen in eerste instantie zo veel mogelijk direct toegerekend te worden op basis van aantoonbare causaliteit (‘directe kosten’). Sommige kosten, opbrengsten, activa en passiva zijn mogelijk niet direct gekoppeld aan een activiteit of gereguleerd/ongereguleerd in de administratie, bijvoorbeeld door het ontbreken van een urenadministratie. Als de leverancier een betrouwbare schatting kan maken, moeten deze kosten alsnog als directe kosten worden beschouwd.
79. Kosten, opbrengsten, activa en passiva die niet causaal verband houden met en daardoor niet direct kunnen worden toegerekend aan activiteiten (stap 1) of gereguleerd/ongereguleerd (stap 2), worden alsnog toegerekend door toepassing van verdeelsleutels. Hierbij worden de volgende criteria in acht genomen:
a) Reflectie inzet productiemiddelen: de verdeelsleutels per kostensoort dienen zo veel mogelijk de inzet van de onderliggende ‘productiemiddelen’ te reflecteren. Deze inzet van productiemiddelen kan benaderd worden door de techniek van activity based costing. Activity based costing gaat ervan uit dat activiteiten kosten veroorzaken. Direct aan activiteiten toerekenbare kosten worden daarbij ook direct toegerekend aan de betreffende activiteiten;
b) Verdeelsleutels dienen consistent (door de tijd, eenduidig voor verschillende tariefcategorieën, eenduidig voor verschillende toepassingen), afdoende beargumenteerd en toereikend gedocumenteerd te zijn;
11 Vanaf de rendementsmonitor 2024 is sprake van een aangescherpte kostentoerekening door de ervaring met de rendementsmonitor en rendementstoets 2023
en
c) De toepassing van verdeelsleutels is transparant. Dit wil zeggen dat duidelijk is welke indirecte kosten door middel van verdeelsleutels worden toegerekend, wat de samenstelling (parameters) van de verdeelsleutels is en welke onderliggende waarden zijn gebruikt voor de berekening van de verdeelsleutels.
80. Ten behoeve van een juiste kostentoerekening gelden de voorgaande twee randnummers eveneens voor de kostentoerekening vanuit een ander niveau (bijvoorbeeld holding of zusterbedrijf).
- Regeling
- Besluit tot vaststelling van de Regulatorische accountingregels (RAR) warmteleveranciers 2024
- Soort
- ZBO-regeling
- Geldend vanaf
- 27-06-2025
- BWB-id
- BWBR0051941
- Versie
- 2025-06-27_0