Toelichting bij paragraaf 5.3.2 – Transport en distributie van thermische energie Besluit tot vaststelling van de Regulatorische accountingregels (RAR) warmteleveranciers 2024
Veel delen van het net worden gebruikt door zowel gereguleerde als ongereguleerde afnemers. Deze zijn dus niet direct toerekenbaar aan een bepaalde groep. We verdelen de kosten van het net daarom op basis van de ratio van de benodigde capaciteit per groep.
De benodigde capaciteit voor het net is niet gelijk aan de som van de aansluitcapaciteit van alle afnemers.
16 De aansluitcapaciteit voor kleinverbruikers verschilt vaak aanzienlijk van de vereiste (of werkelijke gebruikte?) netcapaciteit. Daarnaast hebben kleinverbruikers geen keuze voor hun aansluitcapaciteit. Dit maakt het gebruik van aansluitcapaciteit ongeschikt voor het toewijzen van kosten.
Dit komt omdat niet alle afnemers het net op hetzelfde moment gebruiken. Om de benodigde netcapaciteit per groep te berekenen, houden we rekening met gelijktijdigheidsvoordelen.
Redenen voor het gebruik van benodigde netcapaciteit als verdeelsleutel zijn:
• Benodigde netcapaciteit leidt in de praktijk tot de dimensionering van het netwerk. Dit leidt tot investeringen en daarmee capex (kapitaallasten en rente) door aanleg van het net, bijvoorbeeld dikkere buizen en meer (onder)stations. De benodigde netcapaciteit is daarmee de belangrijkste costdriver voor investering in het net;
• Operationele kosten gerelateerd aan transport en distributie worden gedreven door de levensduur en kwaliteit van het type buis. Dit vereist preventief, voorspellend, periodiek en conditioneel onderhoud.
17 Pozzi, M., Bettinelli, A., Detassis, F., Filippini, E., Graziani, S., Morgione, S., & Vigo, D. (2021). District heating network maintenance planning optimization. Energy Reports, 7, 184-192.
Deze onderhoudskosten zijn relatief onafhankelijk van daadwerkelijke warmte-afname van een afnemer. Gebruik leidt niet of nauwelijks tot versnelde slijtage van het netwerk.
Bij de toewijzing houdt de ACM er rekening mee dat delen van het net meer of minder gebruikt kunnen worden door (on)gereguleerde afnemers. Dit doen we door de kosten per netvlak, indien mogelijk, toe te wijzen aan (on)gereguleerde afnemers. Op deze manier betaalt de groep van afnemers op een hoger netvlak (bv. het transportnet) niet voor kosten van het groep van afnemers op een lager netvlak (bv het secundair distributienet).
Voor kleinverbruikers is de volgende berekening voor de benodigde netcapaciteit van toepassing:
Omdat kleinverbruikers relatief vergelijkbaar zijn en omdat capaciteit niet individueel en contractueel is afgesproken, bevat de kostentoerekening een schatting van de gemiddeld benodigde netcapaciteit per kleinverbruiker voor laagbouw en hoogbouw
18 Individueel aangesloten betreft grotendeels laagbouw omdat veel hoogbouw via woningcorporaties en VvE’s onder grootverbruik valt
. Op basis van informatie uit de sector:
a) De benodigde capaciteit voor ruimteverwarming is per woning gemiddeld 10 kW;
b) De benodigde capaciteit voor tapwater is per woning gemiddeld 28 kW (CW4);
c) De gelijktijdigheid voor ruimteverwarming is 0,5;
d) De gelijktijdigheid voor tapwater is 1/√n;
e) Een warmtenet levert geen tapwater en ruimteverwarming op hetzelfde moment aan een afnemer, waardoor de benodigde capaciteit na toepassing van gelijktijdigheid het maximum (en niet de som) is van de gelijktijdigheid voor ruimteverwarming en tapwater;
f) Bij (bijvoorbeeld) 196 woningen is de benodigde capaciteit na gelijktijdigheid gemiddeldper woning 5 kW voor ruimteverwarming en 2 kW (28 kW x 1/√196) voor tapwater. Dat levert (max[5 kW; 2kW]) een gemiddelde gelijktijdigheid van 5 kW op. Al vanaf 26 aansluitingen heeft warm tapwater geen invloed op de benodigde netcapaciteit (28 kW x 1/√26 = 5,49 kW).
Concluderend moeten warmtebedrijven in de kostentoerekening 5 kW per woning hanteren voor de benodigde netcapaciteit van (individueel aangesloten) kleinverbruikers.
De geschatte vereiste netcapaciteit heeft een relatie met de totale productiecapaciteit. De totale benodigde netcapaciteit zal naar verwachting lager zijn dan de totale productiecapaciteit. In het geval van significante verschillen (voornamelijk een veel lagere productiecapaciteit) is een individuele case-by-case beoordeling nodig.
- Regeling
- Besluit tot vaststelling van de Regulatorische accountingregels (RAR) warmteleveranciers 2024
- Soort
- ZBO-regeling
- Geldend vanaf
- 27-06-2025
- BWB-id
- BWBR0051941
- Versie
- 2025-06-27_0