wetzoeker

1 — Uitgangspunten bij handhaving Beleidsregel handhaving

Uitgangspunten bij handhaving

Een deskundige en integere advocatuur is het hogere doel waar dekens en het college gezamenlijk voor staan. Het college heeft als taak om te borgen dat het toezicht en de klachtbehandeling door dekens goed wordt uitgevoerd, dat wil zeggen: zichtbaar, onafhankelijk, effectief, professioneel en consistent. Gelet op de gedeelde verantwoordelijkheid gaat het college in beginsel uit van gerechtvaardigd vertrouwen dat de dekens uit eigen beweging normconform handelen. Waar regulier systeemtoezicht niet het gewenste effect heeft of naar verwachting zal hebben, kan normconform gedrag worden bereikt door de inzet van handhavingsinstrumenten.

Het college zoekt bij handhaving altijd naar een passende balans tussen enerzijds het stimuleren van de kwaliteit van het toezicht en de klachtbehandeling door dekens, en anderzijds het optreden indien toezicht en klachtbehandeling niet aan de gestelde normen voldoet.

Stimulering vormt de basis. Het college en de dekens hebben een gezamenlijk hoger doel en een gedeelde intrinsieke motivatie om hieraan bij te dragen. Het aantal dekens waarop toezicht wordt gehouden is bovendien overzichtelijk. Dit maakt het voor het college goed mogelijk om gezamenlijk het gesprek over goed toezicht te voeren. Bijvoorbeeld door ervaringen uit te wisselen, afwegingen te begrijpen en best practices te delen. Ook kan het college individueel gerichte feedback geven.

Optreden kan echter ook noodzakelijk zijn. Het college moet doortastend zijn en kunnen sanctioneren, indien het toezicht of de klachtbehandeling niet aan de gestelde normen voldoet. Dit is een voorwaarde voor goed toezicht en bovendien noodzakelijk voor geloofwaardig toezicht.

Regeling
Beleidsregel handhaving
Soort
PBO-regeling
Geldend vanaf
01-01-2026
BWB-id
BWBR0051823
Versie
2026-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl