wetzoeker

Artikel 3 Regeling kinderopvang BES

1 De houder of gastouder levert bij de aanvraag voor het verstrekken van kinderopvangvergoeding als bedoeld in artikel 3.2, eerste lid, van de wet, of voor een voorschot als bedoeld in artikel 3.7, eerste lid, van de wet de volgende gegevens aan:

a. de gegevens, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdelen a, b en d tot en met g;

b. voor zover van toepassing, de einddatum van kinderopvang;

c. het nummer of kenmerk van de exploitatievergunning;

d. het bankrekeningnummer;

e. een bankafschrift of bankverklaring van maximaal één maand oud, voorzien van naam en handtekening van degene die volgens het handelsregister bevoegd is de onderneming te vertegenwoordigen;

f. het aantal dagdelen opvang per kind per week; en

g. de data waarop de kinderopvangorganisatie of de specifieke locatie gesloten is.

2 In afwijking van het eerste lid, onderdeel a, is het niet noodzakelijk het ID-nummer te vermelden indien het kind of de ouder of de partner van de ouder niet als ingezetene staat ingeschreven bij het openbaar lichaam waar de opvang plaatsvindt en kinderopvangvergoeding wordt verstrekt op grond van artikel 3.2, derde lid, van de wet.

3 In afwijking van het eerste lid, onderdeel e, wordt het bankafschrift of de bankverklaring enkel aangeleverd bij de eerste aanvraag voor het verstrekken van kinderopvangvergoeding of een voorschot, of bij wijziging van deze gegevens.

Regeling
Regeling kinderopvang BES
Soort
Ministeriële regeling BES
Geldend vanaf
01-01-2026
BWB-id
BWBR0051777
Versie
2026-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl