wetzoeker

Beleidsregel handhaving APU-gebruik en taxiën met het minimaal noodzakelijk aantal motoren op de luchthaven Eelde als bedoeld in artikel 7 en 8 van het Luchthavenbesluit

Beleidsregel van de Minister van Infrastructuur en Waterstaat, van 1 november 2025, nr. 49479, over het gebruik van APU en taxiën met het minimaal noodzakelijk aantal motoren op de luchthaven Eelde (Beleidsregel handhaving APU-gebruik en taxiën met het minimaal noodzakelijk aantal motoren op de luchthaven Eelde als bedoeld in artikel 7 en 8 van het Luchthavenbesluit)

Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
05-11-2025
Rechtsgebied
Vervoersrecht
Ministerie
Infrastructuur en Waterstaat
BWB-id
BWBR0051697
Versie
2025-11-05_0
SHA-256 bron
bd18aef4c17679bc73d59922864d9c6cb68f68c62a4ea92356a110c9df3a8b92

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (5)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2
  3. Artikel 3
  4. Artikel 4
  5. Artikel 5

Artikel 1

In deze beleidsregel wordt verstaan onder

– AIP: Aeronautical Information Publication;

– APU: Auxiliary Power Unit of hulpaandrijvingseenheid;

– ILT-Luchtvaartautoriteit: onderdeel van de Inspectie Leefomgeving en Transport dat onder meer belast is met het toezicht op de naleving van het Luchthavenbesluit;

– GPU: Ground Power Unit, een externe mobiele eenheid voor het leveren van elektriciteit aan stilstaande vliegtuigen;

– FPU: Fixed Power Unit, een externe vaste eenheid voor het leveren van elektriciteit aan stilstaande vliegtuigen;

– Luchthavenbesluit: Luchthavenbesluit Eelde;

– PCA: Preconditioned Air, een mobiele of vaste eenheid voor het leveren van geconditioneerde lucht aan stilstaande vliegtuigen.

Artikel 2

1 De ILT-Luchtvaartautoriteit houdt toezicht op:

a) de duur van het gebruik van de APU door de gezagvoerder terwijl het vliegtuig stilstaat op de afhandelingsplaats;

b) het gebruik van het minimaal noodzakelijk aantal motoren door de gezagvoerder tijdens het taxiën van, naar en over de start- en landingsbaan;

c) de beschikbaarheid en kwaliteit van de infrastructuur en vervangende voorzieningen (GPU’s, FPU’s en PCA’s) zoals gewaarborgd door de exploitant conform de bepalingen in het Luchthavenbesluit;

d) het uitstootvrij zijn van voorzieningen die de exploitant ter beschikking stelt conform de bepalingen in het Luchthavenbesluit.

2 De ILT-Luchtvaartautoriteit treedt niet handhavend op in situaties waar op basis van de AIP-uitzondering op de regel gerechtvaardigd is en bij afwijkingen van de normale bedrijfsvoering.

Artikel 3

Indien de ILT vaststelt dat sprake is van een overtreding als bedoeld in artikel 7 en/of 8 van het Luchthavenbesluit, is zij op grond van artikel 11.15 van de Wet luchtvaart bevoegd om handhavend op te treden, bijvoorbeeld door het opleggen van een last onder dwangsom.

Artikel 4

Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin deze wordt geplaatst.

Artikel 5

Deze beleidsregel wordt aangehaald als: ‘Beleidsregel handhaving APU-gebruik en taxiën met het minimaal noodzakelijk aantal motoren op de luchthaven Eelde als bedoeld in artikel 7 en 8 van het Luchthavenbesluit.’