wetzoeker

7.2.3 — Gemiddeld uitgekeerde dividend bij inkoop van (cumulatief) preferente aandelen Verzamelbesluit dividendbelasting 2025

Gemiddeld uitgekeerde dividend bij inkoop van (cumulatief) preferente aandelen

In artikel 4c, tweede lid, Wet DB 1965 is opgenomen hoe het gemiddeld uitgekeerde dividend in contanten moet worden bepaald. Voor de berekening moeten de dividenduitkeringen van de zeven voorafgaande jaren worden gecorrigeerd met een inflatiebijstelling.

Bij de inkoop van (cumulatief) preferente aandelen waarop jaarlijks een vast dividend wordt uitgekeerd, heeft de correctie met de inflatiebijstelling echter tot gevolg dat niet aan de voorwaarde van artikel 4c, eerste lid, onderdeel b, Wet DB 1965 kan worden voldaan. De inflatiebijstelling leidt namelijk tot een hoger gemiddeld uitgekeerd dividend in contanten in vijf voorafgaande kalenderjaren dan het vaste dividend in contanten dat in het jaar van inkoop op de (cumulatief) preferente aandelen wordt uitgekeerd. Ik acht dit een onbedoeld gevolg van de inflatiebijstelling en keur daarom het volgende goed.

Goedkeuring

Ik keur goed dat bij de inkoop van (cumulatief) preferente aandelen waarop jaarlijks een vast dividend wordt uitgekeerd, de inflatiebijstelling zoals bedoeld in artikel 4c, tweede lid, Wet DB 1965 bij de toepassing van artikel 4c, eerste lid, onderdeel b, Wet DB 1965 achterwege blijft.

Regeling
Verzamelbesluit dividendbelasting 2025
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
18-10-2025
BWB-id
BWBR0051629
Versie
2025-10-18_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl