5a.8 — Additionele analyses Gewijzigd besluit redelijk rendement warmteleveranciers
Additionele analyses
97ee. De ACM heeft het verband tussen de KVV en grootte ook geanalyseerd met behulp van spreidingsdiagrammen.
46 Met deze diagrammen kan het verband tussen twee variabelen worden gevisualiseerd.
Vanwege bedrijfsvertrouwelijkheid zijn deze niet opgenomen in dit besluit
47 ACM/INT/528617
. De analyse op basis van zowel totale activa als omzet toont een brede spreiding van punten zonder duidelijk patroon. Hoewel de spreidingsdiagram in beide gevallen een licht opwaarts verband aangeeft, constateert de ACM dat de spreiding te groot is om statistisch significante conclusies te trekken. Van een negatief verband, zoals verondersteld in het deskundigenrapport, is in elk geval geen sprake. Ter controle is dezelfde analyse uitgevoerd met het aantal aansluitingen als maatstaf voor grootte. Dit had geen invloed op de resultaten.
97ff. Ten tweede heeft de ACM de analyse zoals beschreven in paragraaf 5a.5 ook uitgevoerd met de classificatie van de Kamer van Koophandel (hierna: KvK), in plaats van de classificatie van het CBS en Eurostat. De grenzen voor de grootteklassen liggen volgens de definitie van de KvK iets lager, waardoor ondernemingen eerder als groot worden aangemerkt. Deze analyse is hier niet weergegeven
48 ACM/INT/524310
, maar de conclusie is nagenoeg identiek aan Figuur E.
97gg. Figuur G toont een staafdiagram met de ongewogen gemiddelde KVV per grootteklasse, gebaseerd op de classificatie naar totale activa. De bijbehorende gegevens staan in Tabel G. Micro-leveranciers hebben een ongewogen gemiddelde KVV van 3,60%, gevolgd door kleine leveranciers met 3,35%, middelgrote leveranciers met 2,37% en grote leveranciers met 4,43%. Het gewogen gemiddelde voor de gehele finale dataset is gelijk aan 3,44%. Dit is 0,61 procentpunt lager dan het gewogen gemiddelde.
Tabel G – Ongewogen gemiddelde KVV per grootteklasse (classificatie totale activa)
Gemiddelde KVV | 25e percentiel | 75e percentiel
Micro | 3,600% | 2,026% | 4.437%
Klein | 3,355% | 1,981% | 3.961%
Middelgroot | 2,371% | 1,991% | 2.810%
Groot | 4,428% | 2,962% | 4.486%
97hh. Figuur G laat zien dat micro-leveranciers een KVV hebben van 3,6%. Dit ligt 0,16 procentpunt boven het ongewogen sectorgemiddelde. Deze KVV blijft echter lager dan het gewogen sectorgemiddelde van 4,05%, zoals weergegeven in Figuur E. De ACM houdt vast aan het gebruik van het gewogen gemiddelde conform het advies van Brattle. Het adviesrapport Brattle
49 The WACC for Heating Companies in the Netherlands, 7 augustus 2023, randnummer 20.
beveelt het gebruik van het gewogen gemiddelde aan, met als wegingsfactor de rentedragende schulden, omdat deze methode meer gewicht toekent aan grotere schuldenuitgiftes met stabielere rentepercentages.
97ii. De ACM realiseert zich dat er een veelheid aan factoren van invloed zijn op de KVV van een warmtebedrijf. Grote verschillen in deze factoren tussen de grootteklassen kunnen mogelijk verklaren waarom de gewogen gemiddelde KVV van kleinere warmteleveranciers relatief lager uitvalt dan door de deskundigen is aangenomen. De ACM beschikt over gegevens voor vier mogelijk relevante factoren: (1) het percentage warmteleveranciers met een moedermaatschappij, (2) het percentage warmteleveranciers met garanties op één of meerdere leningen, (3) het percentage warmteleveranciers met onderpand op één of meerdere leningen, en (4) de gemiddelde looptijd van de leenportefeuille van het warmtebedrijf. Een nadere analyse van deze factoren leidt niet tot andere conclusies ten aanzien van de KVV.
97jj. Tabel H toont de verdeling van het percentage warmteleveranciers met een moedermaatschappij, garanties op lening(en) en onderpand op lening(en) over de grootteklassen
50 Classificatie op basis van totale activa.
. Bovendien geeft Tabel H de gemiddelde looptijd van de leenportefeuille weer per grootteklasse.
Tabel H – Moedermaatschappij, garanties, onderpand en looptijd per grootteklasse
Percentage met moedermaatschappij | Percentage met garantie(s) op lening(en) | Percentage met onderpand op lening(en) | Gemiddelde Looptijd | N
Micro | 61,11% | 22,22% | 27,78% | 12,8 jaar | 18
Klein | 73,08% | 15,38% | 38,46% | 13,1 jaar | 26
Middelgroot | 100,00% | 16,67% | 33,33% | 13,9 jaar | 6
Groot | 83,33% | 66,67% | 33,33% | 12,8 jaar | 6
Totaal | 73,21% | 23,21% | 33,93 | 13,1 jaar | 56
97kk. Tabel H toont aan dat voor alle variabelen de verschillen tussen de grootteklassen relatief gering zijn. Zowel voor het percentage warmteleveranciers met een moedermaatschappij als voor garanties, onderpand en de gemiddelde looptijd van de leenportefeuille liggen de vier klassen dicht rondom het sectorgemiddelde
51 Met uitzondering van het percentage grote warmteleveranciers met garanties, dit ligt een stuk hoger dan bij de overige grootteklassen. Dit zou in theorie een drukkend effect kunnen hebben op de rentelasten van grote warmtebedrijven.
. De ACM acht het daarom onwaarschijnlijk dat deze variabelen van substantiële invloed zijn op het verband tussen KVV en grootte.
97ll. De ACM is additioneel – naast het empirische onderzoek – nagegaan of het mogelijk is om op basis van inzichten uit andere sectoren een opslag te vaststellen. De ACM heeft gekeken naar publicaties van andere regulators
52 Zie (i) Nordic heating and cooling: Nordic approach to EU's Heating and Cooling Strategy, (ii) The French District Heating Market- Overview, Opportunities and Challenges, (iii) The role of district heating in the energy system (iv) Best Practice Guide - District Heating by Sweden, District Heating and Cooling in France.
en studies
53 Zie (i) M.S. Triebs, E. Papadis, H. Cramer, G. Tsatsaronis (2021): Landscape of district heating systems in Germany - Status quo and categorization, (ii) K. Johansen, S. Werner (2022); Something is sustainable in the state of Denmark: A review of the Danish district heating sector, (iii) A. Egüez (2021): District heating network ownership and prices: The case of an unregulated natural monopoly, (iv) Overview of District Heating and Cooling Markets and Regulatory Frameworks under the Revised Renewable Energy Directive.
over de warmtemarkt in Europa. Deze publicaties en studies hebben niet tot inzichten geleid die een opslag kunnen rechtvaardigen, mede vanwege de heterogeniteit die die warmtesector kenmerkt. Concrete aanknopingspunten voor het aanbrengen van differentiatie en het toepassen van een opslag zijn niet gevonden.
- Regeling
- Gewijzigd besluit redelijk rendement warmteleveranciers
- Soort
- ZBO-regeling
- Geldend vanaf
- 09-10-2025
- BWB-id
- BWBR0051608
- Versie
- 2025-10-09_0